Archief Bijeenkomsten
Deutsche Geschichtskontroversen nach 1960 Wissenschaft und Medien
16-sep-2008
Vrijdag 7 oktober 2005, 11:30-16:30 uur, UvA
Sprekers:KLAUS GROßE KRACHT (Potsdam)
GEORGI VERBEECK (Maastricht)
TON NIJHUIS (Amsterdam)
Het wetenschappelijke onderzoek naar de Duitse geschiedenis wordt steeds opnieuw gekenmerkt door meer of minder heftige controversen. Sinds de Fischerkontroverse van de vroege jaren zestig overschrijden zulke debatten met grote regelmaat de grenzen van het vak en treden concurrerende historici in toenemende mate in de publiciteit. Dat betekent ook dat wetenschappers moeten optreden in een steeds veranderende media-omgeving, die haar eigen spelregels en communicatiestijlen opdringt. Door deze structuurveranderingen hebben media en publiek zich sinds de jaren 1960 ontwikkeld van passieve toeschouwers tot invloedrijke actoren in geschiedwetenschappelijke controversen. De groeiende media-belangstelling voor opeenvolgende discussies (Fischerkontroverse, Historikerstreit, Goldhagen-debat) illustreert dit proces.
Aan de hand van enkele historische controversen zal deze ontwikkeling op de bijeenkomst van het Graduiertenkolleg besproken worden. Hoe treden wetenschappers, in dit geval historici, in de publiciteit op? Op welke manier proberen zij aan de spelregels van de Mediengesellschaft tegemoet te komen? In hoeverre stimuleren grote controversen de voortgang van het wetenschappelijk onderzoek? Onder welke voorwaarden bereiken vakwetenschappelijke thema’s een groter publiek? Wie of wat bepaalt of een vakdebat uitgroeit tot een publieke controverse?
Dr. GEORGI VERBEECK, Vlaams historicus en specialist op het gebied van de Duitse historiografie, zal een overzicht geven over de achtergronden van de Historikerstreit van 1986/87. Daarbij gaat hij ook in op de vraag of en in hoeverre de herinnering aan deze controverse het verloop van nieuwe discussies stuurt.
De Duitse historicus dr. KLAUS GROßE KRACHT presenteert zijn jongste publicatie Die zankende Zunft. Historische Kontroversen in Deutschland nach 1945 (Göttingen, 2005), die in de Duitse pers lovend werd onthaald. Hij concentreert zich daarin op de rol van de media in het verloop van de debatten en op het veranderende optreden van historici in een brede publiciteit.
Als opening van de discussie zal prof. dr. TON NIJHUIS, wetenschappelijk directeur van het DIA, de balans van beide lezingen opmaken en enkele algemene thesen over de relatie tussen wetenschap en publiciteit formuleren.