Aan het woord:
Atze van Wieren
21-mrt-2006
Rainer Maria Rilke is een van de bekendste Duitse dichters. Hij werd geboren in 1875 in Praag (toen een Oostenrijkse stad) en overleed in 1926 in Val-Mont sur Territet (Zwitserland). Bekende gedichten van hem zijn bijvoorbeeld ‘Der Panther’ en ‘Herbsttag’. Deze zijn al heel vaak vertaald. Rilkes ‘Duineser Elegien’ zijn echter minder bekend, ook al golden ze voor hem zelf als zijn meesterwerk.
Atze
van Wieren, een Nederlandse dichter, besloot met het vertalen van de
'Duineser Elegien' aan de slag te gaan. In dit exclusieve interview licht hij
alvast een tipje van de sluier op over zijn boek, dat eind 2006 uitgegeven zal
worden.
Hoe kwam u erbij om werk van Rilke te gaan vertalen?
Twintig jaar geleden is het eigenlijk begonnen…ik werkte op de Universiteit (van
Groningen) en maakte eens in de lunchpauze een wandeling met een collega. Opeens
zei hij: “Kijk, daar loopt Cor Jellema. Hij weet heel veel van Rilke, en
vertaalt werk van hem.” Mijn collega was namelijk een fan van de Duitse dichter,
vandaar dat hij Cor Jellema kende. Zelf had ik alleen nog maar wat evergreens
van Rilke gelezen. Maar, enthousiast gemaakt door mijn collega, besloot ik me er
toch eens in te verdiepen als de gelegenheid zich voordeed. En nou wil het
toeval dat ik die zomervakantie met mijn vrouw en kinderen naar Wallis ging, in
de zuidelijke helft van Zwitserland. Daar ligt Raron, de plaats waar Rilke
begraven is. Tegen de westmuur van een prachtig kerkje, met uitzicht op de Rhône
en de bergen, lag het graf. Het was erg indrukwekkend.
Toen wilde ik er meer van weten. Eenmaal thuis heb ik de 'Duineser Elegien' gekocht. Tijdens het lezen, eerst in het Duits, later in de vertaling van prof. W.J.M. Bronzwaer (uit 1978), begreep ik lang niet alles, maar ik werd er wel heel erg door getroffen; de beeldspraak is prachtig, het heeft muzikaliteit en je ziet als het ware het opgeroepen vergezicht voor je. De 'Duineser Elegien' zijn een gang door het leven van Rilke. Hij heeft geen eenvoudige jeugd gehad, was vaak depressief en angstig. Maar er zit een ontwikkeling in zijn werk; van ‘het leven is zwaar’ naar ‘het leven is mooi’. “Hiersein ist herrlich”.
Jarenlang sleepte ik de Elegieën altijd met me mee, op vakanties en naar het klooster (ik ga jaarlijks naar de Abdij St. Willibrord bij Doetinchem). Ik werd erdoor geroerd, ze deden me wat. Maar gaandeweg ging ik me wat ergeren aan de stijl en woordkeus van vertaler prof. W.J.M. Bronzwaer. Dat moest toch mooier kunnen! Ik durfde me er echter niet aan te wagen; ik ben dichter, geen Germanist. Stel dat ik stomme fouten zou maken, bokken zou schieten!
Ik ben lid van een filosofisch getinte mannenclub: ‘The Odd Fellows’ in Leeuwarden. In het voorjaar van 2004 kwam er een oud-docent Duits als nieuw lid bij, Govert van de Nieuwegiessen. Ik vertelde hem over mijn interesse voor het vertalen van de 'Duineser Elegien'. “Wil jij me daarbij helpen?” Dat wilde hij wel. Hij heeft ’t vrij letterlijk vertaald. Toen kon ik aan de slag met het mooi maken: het ritme, de beelden die het oproept en beschrijvingen.
Waar gaan de 'Duineser Elegien' over?
In grote lijnen is het een utopie (ideaal wereldbeeld) van Rilke. Hij wil dat
wij ons deze wereld eigen maken en dingen transformeren tot dingen die blijven.
Verklaar u nader
Leven en dood bestaan eigenlijk niet, ze zitten beide in ons. Alles vormt een
groot geheel, een ‘allesomvattend zijn’. Er is niets dat nooit zal vergaan, maar
wij moeten deze aarde, met alles erop en eraan, voor vergankelijkheid behoeden
en haar in ons herscheppen en bewaren.
Diepzinnig. Hoe ver zijn jullie al met vertalen?
Oh, het is al af. Eind 2004 was dat al zo, maar als je klaar bent met vertalen
ben je er nog niet! Er moest bijvoorbeeld een uitgever gevonden worden. Ik bood
het werk aan vijf uitgevers aan. Uitgeverij IJzer (uit Utrecht) reageerde heel
snel, al binnen een paar weken. Zij wilden het graag uitgeven! Veel later
reageerde uitgeverij Wagner en Van Santen, ook positief. Maar ja, die viste
achter het net.
De vertaling was af, Govert en ik waren er heel tevreden over. Maar ik wilde nog een korte biografie van Rilke toevoegen, omdat er vrij veel van zijn leven in de 'Duineser Elegien' verwerkt zit. Verder leek het mij goed om, ter verduidelijking, aantekeningen bij de vertaling te plaatsen: woorden, begrippen en namen. En de ‘Brief aan Hulewicz’; dat is een brief waarin Rilke zélf uitleg geeft over zijn Elegieën aan een Poolse vertaler.
Het boek wordt tweetalig, de Nederlandse naast de Duitse versie wat nog weer een hele zoektocht opleverde naar de meest juiste Duitse tekst. Er zijn in de loop der jaren zoveel kleine afwijkingen geslopen in de tekst van de diverse uitgaven.
Vindt
u het terecht dat Rilke zo bekend is geworden?
Absoluut. Rilke vind ik een van de grootste dichters van onze West-Europese
beschaving. Maar dan moet je wel de hele Rilke lezen en niet alleen zijn eerste
werk; dat is soms een beetje ‘zoetig’ en op zichzelf gericht.
Wat vindt u het mooiste werk van Rilke?
De 'Duineser Elegien' vind ik een magistraal werk. En ik ben niet de enige, want
er is heel veel over geschreven; analyses, duidingen, verklaringen… (alleen niet
veel vertalingen).
Had u er altijd weer zin in om aan de slag te gaan?
Ja, ik heb er steeds met plezier aan gewerkt. Maar dat moet ook wel; het kost
tijd en geld… vertalingen leveren weinig op. Het moet uit jezelf komen, puur
voor je eigen idee.
Bent u heel zelfverzekerd met dit project of raakt u wel eens in de
put?
Je begint heel onbevangen met zo’n project, maar daarna slaat ook wel een soort
twijfel toe; “Is dit wel goed genoeg?”
Tot slot: wat wordt uw volgende project?
Hierna ga ik weer door met schrijven: dichten, proza, recensies. Ik wil ook
graag een bundel met eigen gedichten samenstellen en uitgeven…
Atze van Wieren, bedankt voor het interview!
Eind 2006 verschijnt de 'Duineser Elegien' door Atze van Wieren in de boekhandel.
Pamela Wolters was in het schooljaar 2005-2006 redacteur van de Scholierenpagina van het Duitslandweb. Ze zit op het Willem Lodewijk Gymnasium in Groningen.