© Duitsland Instituut Amsterdam Duitsland Instituut Amsterdam

Handel met de DDR (1949-1989)

Vooroorlogse economische belangen van Nederland in gebieden in Oost-Duitsland zorgden ervoor dat Nederland zich al snel na 1945 richtte op herstel van de handelscontacten met niet alleen het westen, maar ook het oosten van Duitsland. Doordat de vier bezettingsmachten ook de economische zeggenschap overgenomen hadden, moesten alle contacten via de bezettingsautoriteiten plaatsvinden. In 1947 sloot Nederland met de Sovjet-Unie een handelsoverkomst voor de Russische bezettingszone (Sovjetische Besatzungszone, SBZ) voor een jaar, die steeds met een jaar werd verlengd. In deze overeenkomsten sprak men af welke waarde de import en export in het betreffende jaar zou hebben.

De voornaamste artikelen die Nederland importeerde waren kali (een meststof), machines en onderdelen, elektrische producten, hout, papier en chemicaliën. Nederland exporteerde op zijn beurt onder andere superfosfaat (een kunstmest), haring en verse vis, natuurrubber, elektrische lampen, farmaceutische artikelen en fietsbanden. De niet-erkenningspolitiek, waartoe de westerse staten besloten na de oprichting van de Duitse Democratische Republiek (DDR), had tot gevolg dat handelscontacten voortaan alleen nog maar door private organisaties afgehandeld konden worden. Tot de erkenning in 1973 liep de handel daarom tussen Oost-Duitsland en Nederland vooral via de Kamer van Koophandel voor Duitsland.

Sommige westerse bondgenoten versoepelden na verloop van tijd hun handelsbeleid. Nederland daarentegen hield altijd strikt aan de bepalingen van het niet-erkenningsbeleid vast. De handelsbetrekkingen met de DDR leken hier echter niet onder te lijden, want Nederland bleef een belangrijke positie innemen onder de westerse handelspartners van de DDR. De erkenning van 1973 zorgde gedurende enkele jaren voor een explosieve groei van de handel.

In 1981 moest de DDR door de stijgende olieprijzen noodgedwongen haar import drastisch beperken, wat ook voor Nederland gevolgen had. In de loop der jaren vonden er enige veranderingen plaats in het soort producten dat in- en uitgevoerd werd. Superfosfaat was lange tijd het belangrijkste exportproduct, later werden dat landbouw- en visserijproducten. Ook was de DDR een afzetmarkt voor koelhuisboter en haring. Verder exporteerde Nederland onder andere textiel- en lederwaren, chemische producten en glas. Voor de DDR bleef kali een belangrijk exportproduct. Daarnaast werden onder andere ook machines, wetenschappelijke instrumenten en apparaten, elektrotechnische producten, papier en papierwaren, keramiek en textiel geëxporteerd.

In 1989 had de Nederlandse export naar de DDR een waarde van vijfhonderd miljoen gulden (226,9 miljoen euro). Nederland importeerde op haar beurt voor 525 miljoen gulden (234,7 miljoen euro) aan goederen uit de DRR.

Duitslandweb
feed link