© Duitsland Instituut Amsterdam Duitsland Instituut Amsterdam

Spanningen tussen allochtonen en autochtonen

In de onderstaande kaarten is te zien dat de buitenlandse bevolking niet gelijkmatig over het land is verspreid. In het westen van Duitsland, en in het bijzonder in de grote steden, wonen naar verhouding veel meer allochtonen dan in het oosten (behalve Berlijn). De onderstaande kaarten tonen de concentraties van allochtonen in Duitsland. Berlijn springt eruit met haar hoge aantal buitenlanders. Ook in de stedelijke agglomeraties in het Ruhrgebied wonen veel buitenlanders. Beide kaarten geven de situatie weer van 1998. Het actuele beeld verschilt echt niet veel. In de  bovenste kaart geldt: hoe paarser het gebied, hoe meer allochtonen er per vierkante kilometer wonen. In de onderste kaart geeft de grootte van de cirkel aan hoeveel buitenlanders er in totaal in een gebied wonen. 

 

Het is op het eerste gezicht opmerkelijk dat in de gebieden die vroeger deel uitmaakten van de DDR vreemdelingenhaat vaker de kop opsteekt dan in de deelstaten van de toenmalige BRD, terwijl er minder allochtonen leven. Het aantal rechts-extremistische aanslagen is in deze 'nieuwe' deelstaten beduidend groter dan in de 'oude' deelstaten.
Er zijn twee verklaringen voor dit verschijnsel. Ten eerste is er een economische verklaring. De economie van Oost-Duitsland kruipt slechts langzaam omhoog en heeft het niveau van West-Duitsland nog altijd niet bereikt. Veel mensen zijn werkloos en hebben geen uitzicht op een snelle verbetering van hun situatie. Vaak is het zo dat in gebieden waar het economisch minder goed gaat, de kans op vreemdelingenhaat toeneemt. Zo ook in het Oosten. De allochtonen worden als zondebok aangewezen: het idee bestaat dat zij de huizen en de banen inpikken. Dit zijn argumenten die in Nederland ook werden gebruikt door onder andere de Centrum Democraten en CP'86.
Verkiezingsposter van de rechts-extreme NPDTen tweede is er een maatschappelijke verklaring. Deze houdt verband met het ineenstorten van de socialistische DDR in 1989 en de eenwording van de beide Duitslanden een jaar later. Dit had grote gevolgen voor alle Oost-Duitsers. Mensen hebben jarenlang gewoond in een samenleving die van de ene op de andere dag ophield te bestaan. Er golden opeens andere regels, andere waarden en andere normen. Ook voor de jongeren, die de tijd voor de DDR niet hebben meegemaakt, was dit een hele omschakeling. Daar komt nog bij dat na verloop van tijd de Westerse wereld niet het paradijs bleek waar men op had gehoopt. De eenwording met West-Duitsland verliep moeizamer dan verwacht en de economische voorspoed liet langer op zich wachten dan gehoopt. Deze gevoelens van verwarring en teleurstelling uitten zich onder meer in rechts-extremistische opvattingen en intolerantie tegenover buitenlanders. Agressie speelt - als reactie op de snelle maatschappelijke verandering in de hele jongerencultuur (in het uitgaansleven, op school, in de muziek) - een grotere rol dan bijvoorbeeld in Nederland.

Natuurlijk blijven rechts-extremistische uitlatingen niet beperkt tot Oost-Duitsland. Ook in West-Duitsland komen ze voor - denk maar aan de vijf Turkse vrouwen en kinderen die in mei 1993 omkwamen in een door neonazi's aangestoken brand in Solingen. De verontwaardiging was toen groot, zowel in Duitsland als in de rest van de wereld. Het Nederlandse publiek reageerde bijvoorbeeld met een briefkaartenactie gericht aan de Duitse bondskanselier Kohl. Door de Duitse bevolking werd dit niet in dank afgenomen en als arrogant beschouwd. In Nederland kennen wij immers ook vreemdelingenhaat, die zich bijvoorbeeld uit in het bekladden van moskees, joodse begraafplaatsen of asielzoekerscentra.   

Duitslandweb
feed link