Algemeen
De federale structuur van de Bondsrepubliek bepaalt in sterke mate de financiële verhoudingen en de openbare financiën in Duitsland. Van de uitgaven die de overheid als geheel doet, komt ongeveer 45 procent voor rekening van de Bund (centrale overheid), 35 procent van de Länder (deelstaten) en 15 procent van de gemeenten. Uit het oogmerk van enerzijds budgettaire stabilisatie en anderzijds de grondwettelijke eis om door het hele land een gelijke levensstandaard te bevorderen, bestaat er zowel een horizontale als een verticale budgettaire vereffening (in het Duits: Finanzausgleich). Dit betekent dat geld zowel van de centrale overheid naar deelstaat kan stromen (verticaal) én van de ene naar de andere deelstaat (horizontaal). Om de economie te stimuleren in de deelstaten die vroeger deel uitmaakten van de DDR, moeten de rijkere deelstaten in het westen van Duitsland aan deze deelstaten geld afdragen.