Het Bebelplatz
Het plein waar de nazi’s 25 duizend boeken verbrandden
9-mei-2008
Op 10 mei precies 75 jaar geleden vond op het Bebelplatz in Berlijn de beruchtste boekverbranding uit de geschiedenis plaats. Tienduizenden boeken werden op 10 mei 1933 door de nazi's in de vlammen gegooid. Een piepklein monument herinnert daar nog aan.
Het
leek wel een satanisch ritueel. “Tegen klassenstrijd en materialisme, vóór
volksgemeenschap en idealistische levenshouding! Aan de vlammen schenk ik het
werk van Marx en Kautsky.”
Je zou klinkende sonnetten kunnen componeren met de namen van de auteurs wier boeken die avond in mei 1933, onder het scanderen van Feuersprüche, op de brandstapel werden geworpen. Kafka, Babel, Freud, Remarque, Trotski, Tucholsky, Majakovski, Musil, Mann, Marcuse, Lukács, Lenin, Luxemburg, London, Hemingway, Dos Passos, Sinclair, Zweig, Schnitzler, Gorki.
In nauwelijks een paar uur tijd verdwenen 25 duizend boeken in het nazistische vreugdevuur. “Medestudenten! Duitse mannen en vrouwen! Het tijdperk van overtrokken Joods intellectualisme is voorbij!”, kraaide Propagandaminister Joseph Goebbels rond middernacht over de radio.
Doortrapte leugenaar
Eén van de vervolgde schrijvers, Erich Kästner, bevond zich in het geheim onder de menigte, ingeklemd tussen studenten in SA-uniform, luisterend naar de “sentimentele tirades van de kleine doortrapte leugenaar” Joseph Goebbels. Bij de tweede vuurspreuk hoorde hij zijn eigen naam over het plein galmen. “Tegen decadentie en moreel verval, vóór tucht en zede in gezin en staat! Aan de vlammen schenk ik het werk van Heinrich Mann, Ernst Glaeser en Erich Kästner.”
“Plotseling”, zou hij later schrijven, “riep een schrille vrouwenstem: “Daar staat Kästner!” Een man en een vrouw drongen zich met luid misbaar door de menigte en stevenden op de schrijver af. Kästner zette zich schrap om te vluchten.
“Maar er gebeurde niets”, schreef hij. “De boeken bleven het vuur in vliegen. De tiraden van de kleine doortrapte leugenaar bleven weerklinken. En de gezichten van de bruine Studentengarde blikten, de stormriemen onder de kin, onveranderd rechtdoor, naar de brandstapel en dat psalmodiërende, gesticulerende kleine duiveltje.”
Actie tegen de on-Duitse geest
De boekverbranding van 10 mei 1933 vormde het culminatiepunt van de 'Actie tegen de on-Duitse geest', die de nazi’s een maand daarvoor gelanceerd hadden. Door heel Duitsland legden Hitler-sympathisanten autodafé’s aan in een poging de Duitse cultuur van alle “onreine elementen” te verlossen – lees: Jodendom, communisme, sociaaldemocratie en liberalisme.
Bijna driekwart miljoen Berlijners trokken in fakkeltocht, op de klanken van een fanfare, over de Unter den Linden in de richting van het Opernplatz, het tegenwoordige Bebelplatz. Even dreigde de manifestatie uit te lopen op een blamage. Het weer toonde zich van zijn meest bibliofiele kant en verhinderde met striemende regen dat de boekenbrandstapel vlam vatte.
De aanwezige bruine brandweerlieden waren echter niet te beroerd een handje te helpen en wisten het vuur met jerrycans benzine hoog op te jagen. Een smeulende massa as was alles wat er van de boeken restte tegen de tijd dat het Horst-Wessel-lied ten afscheid speelde.
Lege boekenkasten
Maar vandaag geen geblakerde bladzijden of hitsende parolen. Het is muisstil op het Bebelplatz. Nauwelijks voor te stellen dat het hier ooit zwart zag van de mensen. Stemmen die zich de woede in schreeuwen, de hitte van het vuur, het applaus van de jakhalzen bij weer een geslachtofferd levenswerk – het kost op deze druilerige morgen in de eenentwintigste eeuw de nodige moeite om ze erbij te denken.
In het hart van het plein, verzonken in het plaveisel, bevindt zich sinds dertien jaar een monument ter herinnering aan de boekverbranding van 1933. Je zou hem bijna over het hoofd zien tussen het monumentale geweld van de Humboldt-universiteit, het Hotel de Rome, de juridische faculteit en de Staatsoper.
Toeristen schuifelen plechtig om het kleinood heen. De verwarring druipt van hun gezichten. Want wát moet dit voorstellen? Een showroom van IKEA? Een nooit voltooid stelsel van catacomben? Of toch iets met moderne kunst?
Het kunstwerk, van de hand van de Israeliër Micha Ullman, bestaat uit niet meer dan een glazen paneel dat uitkijkt op een onderaards vertrek van blinkend witte boekenkasten. De boekenkasten zijn, hoe kan het ook anders, volkomen leeg.
Heinrich Heine
Op een bronsplaat bij het monument staat Heinrich Heines profetisch gebleken strofe “Daar waar men boeken verbrandt, verbrandt men uiteindelijk ook mensen.” De stap van libricide naar genocide bleek inderdaad maar al te klein. Doelde Heine in zijn tragedie 'Almansor' (1821) eigenlijk op de verbranding van de Koran bij de herovering van Granada, na 1933 werden zijn woorden tot voorafschaduwing van de brandende ovens van de Holocaust.
Zelden was een kunstwerk van zo’n sublieme ingetogenheid als Ullmans bibliotheek van gedoemde boeken. Het monument maakt zijn omgeving bijna belachelijk. Ongewild dwalen je gedachten af naar dat kleine jongetje uit het sprookje van Andersen, dat riep dat de keizer geen kleren aan had. Tegenover dat nietige monument met die grote symboliek lijkt de bombast van de Unter den Linden plotseling wel heel naakt en nietszeggend.
De krokodil is jarig
In die laatste categorie past ook het absurd grote reclamebord van kledingmerk Lacoste, dat de in renovatie verkerende juridische faculteit moet maskeren. Alleen de bek van de beroemde Lacoste-krokodil is al bijna groot genoeg om Ullmanns monument op te slokken.
“75 jaar geleden creëerde René Lacoste de Lacoste-stijl”, staat in chocoladeletters op het billboard geschreven. 75 jaar? Was dat niet in - 1933!? Hmmm... Groot billboard, klein historisch besef.
Maar even zo goed, van harte gefeliciteerd René Lacoste. Hiep hiep hoera.
Het Bebelplatz ligt aan de Unter den Linden, een kleine tien minuten lopen vanaf station Friedrichstraße, bereikbaar met (onder andere) de S1, S2, S9, S25 en de U6.
Het Bebelplatz heette oorspronkelijk 'Platz am Opernhaus’. Van de Eerste tot en met de Tweede Wereldoorlog droeg het in 1743 voltooide plein de naam 'Kaiser-Franz-Josef-Platz', om daarna te worden herdoopt tot 'Bebelplatz', naar de sociaaldemocraat en SPD-oprichter August Bebel (1840-1913).
Friedemann Berger, In jenen Tagen... Schriftsteller zwischen Reichstagsbrand und Bücherverbrennung (Leipzig 1983).
James Raven, Lost libraries. The destruction of great book collections since antiquity (Basingstoke 2004).
Gerhard Sauder, Die Bücherverbrennung. Zum 10. Mai 1933 (München 1983).