Tussen muurbouwers en hun nazaten
2001
27-okt-2006
2001 was een goed jaar voor de Muur. Hij bestond officieel veertig jaar en omdat hij weer was verdwenen, kon hij gepast worden herdacht. In dat jaar verkeerde ik, als gastredacteur bij Neues Deutschland, tussen Muurbouwers en hun ideologische nazaten. 2001 was dus ook een goed jaar voor mij. Ik heb namelijk een Muur-obsessie.
Het voormalige partijorgaan Neues Deutschland (ND) leidde een kwijnend bestaan. De lezers liepen niet weg, ze stierven uit. Maar eer ze hun laatste ademtocht uitbliezen, bestookten de wakkere bejaarden de kleine redactie permanent. De boventoon voerden lezers uit het voormalige DDR-partijkader, die vergeten leken dat de Muur was gevallen. Ze eisten steevast prominente plaatsing van hun klaagschriften in de krant én een koerswijziging van hun partij PDS en/of ND-redactie.
LastpakkenOud-premier Hans Modrow was een van die lastpakken. Hij was als ‘vrijzinnige’ DDR-bobo aan de macht gekomen tijdens het bestuurlijke vacuüm na de val van de Muur. In 2001 besloot de PDS, waarvan hij erelid is, de bouw van de Muur, precies veertig jaar eerder, te veroordelen. Modrow is woest uit die vergadering weggelopen.
Kort voor dat incident had ik Modrow geïnterviewd voor De Groene Amsterdammer, met het oog op de Mauerbau-herdenking. Bij hem thuis, in een appartementje aan de Karl-Marx-Allee, heerste de kleinburgerlijke sfeer die ik van huis uit kende en die door Reve in 'De avonden' werd vereeuwigd: de geur van gebakken aardappels en spruitjes, en ongetwijfeld foute appel-bessenwijn met kerstmis.
Hans Modrow bezorgde De Groene de kop: ‘De Muur was een elegante oplossing’. Toen ik het interview in ND/PDS-kringen liet zien, toonde men zich not amused. Het erelid had namelijk nog een zetel in het Europese parlement. Ter geruststelling heb ik aangegeven dat De Groene in Duitsland niet op grote schaal wordt gelezen.
Wiedergutmachung
De Muur omsloot tot de Wende heel West-Berlijn. Ik zoek dat grensgebied nu vaak op. Bij wijze van Wiedergutmachung, eigenlijk. Begin jaren tachtig, toen ik voor het eerst in Berlin West woonde, toonde ik totaal geen interesse in het ding. Wij West-Berlijners, generatie ’68, gingen volledig op in onze eigen stadshelft. En we waanden ons slachtoffers van een repressieve West-Duitse politiek. Dat een paar kilometer verderop een heel volk werd onderdrukt, kwam niet bij ons op.
Gelukkig kreeg ik herkansingen. Voor mijn allereerste reportage, in 1990 voor Vrij Nederland, volgde ik een academisch Oost-Berlijns echtpaar toen dat leergierig kennismaakte met het kapitalisme. Juist nu ik me in de DDR-dictatuur verdiepte, leerde ik van Klaus en Rita dat zwart-witschema’s over Oost en West niet opgingen. Ze waren partijleden, maar ook vrijdenkers die hun handicaprace op de socialistische renbaan naar eer en geweten tot een goed einde hadden proberen te brengen. Toen we elkaar in 2001 terugzagen, hadden ze een decennium overbrugd waarin ze zelfs stofzuigers aan de deur hadden verkocht.
OostIn 2001 vestigde ik me in Oost, niet ver van het vervallen havenkantoor waarheen Neues Deutschland had moeten verhuizen. Ik had, als socioloog/journalist, een fantastische tijd bij ND. Hier liepen nog redacteuren rond die de arbeidersopstand van 17 juni 1953 hadden verslagen! Op mijn sociaal-economische WiSo-redactie werkten Ossis én Wessis. WiSo schreef graag over corruptie- en milieuschandalen en over huurders- en patiëntenbelangen, wat wil je nog meer.
Tegenover mij was men uitermate liberaal: “We zijn geen DDR-orgaan!” Zo heb ik een reactionair stuk geschreven over de spoorwegstakingen die Europa toen teisterden. Daaruit werden alleen de spelfouten verwijderd. En zo was ND in 2001 ook de enige Duitse krant die het Nederlandse euthanasiebeleid onbevooroordeeld beschreef, toen onze Eerste Kamer groen licht gaf aan de aktive Sterbehilfe. In de Duitse media overheerste de teneur dat zieken en zwakken bij ons een zetje kregen om zich als lemmingen van de rotsen te werpen. Euthanasie is voor Duitsers nog steeds iets van de nazi’s.
Niet overal bij ND bleek de eigen tijd al aangebroken. Bij Buitenland kon een lofzang op de melkproductie in Cuba het wereldnieuws overstemmen. In het Feuilleton werden arbeidershelden nog in stijl herdacht: “Geen ander dan Ernst Thälmann, die zijn onverzettelijkheid met zijn leven betaalde…” Leve de DDR! Op mijn WiSo-redactie werd zo’n stuk dan onder de lunch gefileerd, alle monden vol van door de chef gebakken pannenkoeken: “Dat is toch je reinste agitprop!”
Voorgoed
Ik woon nu voorgoed in Berlijn. Wanneer ik aan de Spree sta, de rivier die mijn wijk Friedrichshain-Kreuzberg, een fusie van Oost en West, doorsnijdt, denk ik vaak aan het jaar 2001 terug. De Muur heette gevallen, maar de Friedrichshainer ging heus niet naar Kreuzberg voor mooie Turkse lamskoteletten.
En bestaat die Muur nu, vijf jaar later, nog altijd? Het antwoord op deze vraag hoop ik via omwegen te verkrijgen. Voor mijn nieuwe boek volg ik mensen die in de rest van Europa tussen Oost en West leven, van de Baltische Staten tot Roemenië. Zij zullen mij duidelijk maken hoe snel betonnen muren en ijzeren gordijnen bedwongen kunnen worden.






Annemieke Hendriks werkt als freelance journalist in Berlijn. Zij schreef reportages over Duitsland en Midden-Europa voor onder andere Vrij Nederland, de Volkskrant, en De Groene Amsterdammer. Haar laatste boek is 'Gespleten land - Omzwervingen langs Oder en Neiße' (Bas Lubberhuizen, 2005).