Kaiserslautern
Stad met een rammelend stadion
23-mei-2006
Er zijn maar weinig Duitsers die Kaiserslautern op de kaart kunnen aanwijzen. De stad is met 98 duizend inwoners de kleinste van de twaalf WK-steden.
De
Duitse geschiedenis is niet ongemerkt aan de stad voorbij gegaan. De hier
gevestigde Amerikaanse legerbasis bezorgt de stad (door de vijftigduizend
koppige Amerikaanse gemeenschap liefkozend K-town genoemd) nog enige
internationale allure. En goddank heeft Kaiserslautern - behalve een treurige
geschiedenis en een rammelend voetbalstadion - ook een heel goede voetbalclub.
Zijn (letterlijke) naamsbekendheid heeft Kaiserslautern te danken aan Keizer Barbarossa, die hier in 1152 een burcht liet bouwen. Sindsdien heeft Kaiserslautern het zwaar te verduren gehad. In de zeventiende en achttiende eeuw werd de stad tijdens verschillende oorlogen belegerd en viel herhaaldelijk in Franse handen. Tijdens de Napoleontische oorlogen werd Kaiserlautern opnieuw door de Fransen bezet. Ook na de Eerste Wereldoorlog stonden de Fransen weer op de stoep; van 1918 tot 1930 bevond de stad zich andermaal onder Franse voogdij.
Gedurende
de Tweede Wereldoorlog is de stad door zware bombardementen grotendeels
verwoest. Na de oorlog kwam de Palts onder Amerikaans mandaat. Door de grote
stromen vluchtelingen en de vestiging van Amerika’s grootste buitenlandse
garnizoen, bereikte het inwoneraantal in 1969 de honderdduizend: de grens
waarbij een stad zich officieel Großstadt mag noemen. Maar vanwege de
grote militaire oefenterreinen had de opbloeiende industrie geen ruimte om te
groeien en toen de Amerikanen hun troepenaantal verkleinden en de Fransen hun
soldaten zelfs helemaal terugtrokken, daalde het inwonertal van Kaiserslautern
in 2000 weer onder de magische grens. Tegenwoordig probeert Kaiserslautern zich
te profileren als IT-stad.
Kaiserslautern is de thuisbasis van de gelijknamige voetbalclub, landskampioen in 1991 en in 1998. FC Kaiserslautern verdiende zijn sporen reeds in de jaren vijftig. Toen schopten ‘de Rode Duivels’ het tweemaal tot landskampioen en won Duitsland in 1954 onder leiding van de in Kaiserslautern geboren Fritz Walter zelfs het WK ('Het wonder van Bern'). Het Fritz-Walter-Stadion is naar deze legendarische voetballer vernoemd. Dit stadion wordt in de Duitse media ook wel ‘de eeuwige bouwput’ genoemd vanwege haar talloze mankementen. Dan weer waait het dak eraf, dan weer worden wedstrijden uitgesteld wegens scheurende tribunes. Het WK moet de stad en haar stadion nieuw elan bezorgen.

Bouwjaar
1920
Capaciteit
48.500
Bijzonderheden
Totdat het in 1985 werd herdoopt tot ‘Fritz-Walter-Stadion’, stond de thuishaven van 1. FC Kaiserslautern bekend als het ‘Betzenbergstadion’. Het stadion was (en is) namelijk gelegen op de Betzenberg, een met 287 meter dan misschien nogal bescheiden berg, maar, zo stellen de 1. FCK-fans trots, wel de moeilijkst te beklimmen berg van de Bundesliga.

Inwonertal
98.000
Deelstaat
Rijnland-Palts
Beroemde inwoners
De politicus Fritz Neumayer (1884-1973), voetballer Fritz Walter (1920-2002) en Markus Merk (1962), scheidsrechter tijdens het komende WK.