- Inleiding
- Verkiezingsnieuws
- Verkiezingsavond
- Stemwijzer
- Hoofdrolspelers
- Weblog
- Peilingen
- Achtergrond
- Partijen
- Verkiezingsthemaxs
- Politiek stelsel
- Opinie
- Hard tegen hard
- Opmerkelijk
Thema: Sociaal stelsel
Meeste partijen willen verdere hervormingen
1-nov-0005
De Agenda 2010 werd door bondskanselier Gerhard Schröder (SPD) in zijn regeringsverklaring van 14 maart 2003 aangekondigd. De achtergrond van de hervormingsplannen vormden de hoge werkloosheidscijfers, die niet alleen aan de lang aanhoudende flauwte in de conjunctuur, maar ook aan de structureel hoge loonkosten te wijten waren. Veel ondernemers verplaatsten hun productie naar lage-lonenlanden. Een plan om de loonkosten – niet in de laatste plaats veroorzaakt door de lasten van sociale premies – lager te doen uitvallen heeft onvermijdelijk gevolgen voor de organisatie van het sociaal stelsel. Het vereist een hervorming van alles wat ook maar zijdelings met de arbeidsmarkt te maken heeft: centraal staan de belastingen, het ziektekostenstelsel en het stelsel van werkloosheidsverzekeringen. Maar ook belangrijke randvoorwaarden als het onderwijs, de energiepolitiek en de immigratie spelen een rol in de hervormingen.
Een tweede factor die aanleiding gaf tot ingrijpende sociale hervormingen vormde de vergrijzing. Eenvoudig geformuleerd: steeds minder werknemers betalen premies voor steeds meer gepensioneerden. Los van de hervormingen van het belasting- en het gezondheidsstelsel en de in de Hartz-wetten gerealiseerde veranderingen van de arbeidsmarkt heeft het kabinet Schröder al in 2001 met de zogeheten Riesterrente het stelsel van pensioenfondsen geherstructureerd. Naast de collectieve pensioenfondsen bestaat er nu een aanvullende particuliere verzekering, die door de staat wordt gesubsidieerd.
Het afgelopen jaar nam de regering maatregelen die moeten voorkomen dat het werkend deel van de bevolking te sterk met de kosten van de pensioenen wordt belast (invoering van de Nachhaltigkeitsfaktor en de Niveausicherungsklausel). De belasting op pensioenen wordt in de toekomst niet meer via de werknemers geïnd, maar direct van de pensioenuitkeringen afgetrokken.
De door de rood-groene coalitie voorgestelde en deels uitgevoerde maatregelen worden ook door de oppositie gesteund. In maart 2005 debatteerden regerings- en oppositiepartijen over de hervormingen. Gerhard Schröder stelde bij deze gelegenheid een twintig-puntenprogramma voor de voortzetting van het hervormingsbeleid voor. Dit programma bevat plannen op het gebied van belastingen, de structuur van ondernemingen, investeringsmaatregelen en de verdere hervorming van de arbeidsmarkt.
Een constante in de plannen van alle partijen op het gebied van sociale zekerheid vormt de eis dat er naast de wettelijk geregelde collectieve oudedagsvoorziening (vergelijkbaar met de AOW in Nederland) een particuliere verzekering komt. Ook heerst er concensus over de noodzaak de werkzame periode voor de hele beroepsbevolking te verlengen – door enerzijds de duur van opleidingen in te perken en anderzijds de gemiddelde leeftijd waarop werknemers met pensioen gaan (nu ligt die ongeveer bij 60 jaar) te verhogen (tot het wettelijk maximum van 65 jaar).
De verschillen in de verkiezingsprogramma’s draaien vooral om de regulerende rol die de overheid mag vervullen. Zo neemt de collectieve pensioenverzekering bij de huidige regeringspartijen SPD en Die Grünen een belangrijkere plaats in dan bij CDU/CSU en FDP.
SPD
De SPD wil dat het collectieve pensioenfonds de dragende factor blijft van de oudedagsvoorziening in Duitsland. Ter aanvulling moeten bedrijfsinterne en particuliere pensioenfondsen worden uitgebreid. Op de huidige pensioenuitkeringen mag niet worden bezuinigd. De leeftijd van uittreden uit het beroepsleven moet dichter bij de wettelijk geregelde maximumleeftijd komen.
De CDU/CSU willen het stelsel van particuliere en bedrijfsinterne pensioenfondsen verder uitbouwen. De hoogte van de verzekeringspremies moet zich ook op lange termijn naar het huidige niveau richten. Voor elk kind dat vanaf 1 januari 2007 geboren wordt, moet een 'kinderbonus' worden ingevoerd in de vorm van 50 euro korting op de pensioenverzekeringspremie. De gemiddelde leeftijd van pensionering moet worden verhoogd, maar niet voordat de situatie op de arbeidsmarkt is verbeterd voor oudere werknemers.
Bündnis 90/Die Grünen wil het bestaand beleid op het gebied van sociale verzekeringen voortzetten. De collectieve oudedagsvoorziening zal steeds meer als basispensioen fungeren; daarnaast moet de mogelijkheid tot particulier bijverzekeren verder worden ontwikkeld. Ook de werkgevers moeten hun aandeel bijdragen. De verschillen in bevolkingsopbouw tussen Oost- en West-Duitsland vereisen creatieve oplossingen op regionaal niveau. Ouderen moeten tot op hoge leeftijd aan de samenleving blijven participeren.
De FDP wil de oudedagsvoorziening voor de helft met behulp van particuliere en bedrijfsinterne pensioenfondsen regelen. De hoogte van de premie voor de particuliere door de overheid gesubsidieerde pensioenfondsen moet worden gestabiliseerd. Het plan om belastingen direct op de pensioenuitkeringen te heffen, moet zo spoedig mogelijk worden uitgevoerd. De collectieve oudedagsvoorzieningen moeten worden geherstructureerd. Bestaande verschillen in pensioenuitkering tussen Oost- en West-Duitsland moeten worden genivelleerd. Hogere kortingen op het pensioen moeten tegengaan dat werknemers vervroegd uittreden.
De Linkspartei.PDS wil de collectieve oudedagsvoorziening uitbreiden tot verzekering voor de hele beroepsbevolking, dus ook voor freelancers, zelfstandige ondernemers, volksvertegenwoordigers en ambtenaren. De hoogte van de premie wordt niet alleen op het arbeidsloon, maar ook op bijvoorbeeld rente-inkomsten gebaseerd. De bovengrens van het inkomen, die nu nog de toetreding tot het collectieve pensioenfonds beperkt, moet worden opgeheven: doordat de hogere inkomens mee gaan betalen, kan de gemiddelde premie omlaag.
Carina de Jonge is germaniste en promoveert momenteel in München.

Op de sites van de partijen zijn de verkiezingsprogramma's te downloaden als pdf of online in te zien.
De meeste media bieden online een overzicht over de belangrijkste partijstandpunten per thema. Zie bijvoorbeeld Heute.de.
