- Inleiding
- Nieuws
- Nieuwsflash verkiezingsavond
- Wahlnacht
- Peilingen
- Partijen
- Lijsttrekkers
- VerkiezingsthemaXs
- Zo zit het
- Achtergronden
- Nederlandse politici over hun zusterpartij
- Moddergooien
- Spel
- Radiocolumns
Europese Unie & internationale veiligheid
14-sep-2006
Europese integratie en internationale veiligheid spelen tijdens de verkiezingen een ondergeschikte rol aan thema's als werkgelegenheid, onderwijs en immigratie. De betrekkelijk geringe aandacht waarin de Europese Unie (EU) zich mag verheugen, weerspiegelt het gebrek aan interesse en betrokkenheid van de Duitse bevolking bij het proces van de Europese integratie. Voor veel inwoners van de Bondsrepubliek is het proces van Europese eenwording iets dat zich letterlijk en figuurlijk ver van hun bed afspeelt. Overigens vormt Duitsland in dit opzicht allesbehalve een uitzondering: praktisch alle lidstaten van de EU kampen met een gebrek aan identificatie van hun burgers met het Europese besluitvormingsproces.
De geringe aandacht van de Duitse kiezers voor het proces van Europese integratie staat in contrast met de ingrijpende gevolgen die dit proces op korte termijn kan hebben, met name voor de inwoners van de Bondsrepubliek. In november nemen de EU-lidstaten in Kopenhagen een besluit over de Osterweiterung, de uitbreiding van de Unie met een aantal voormalige Oostbloklanden. Hoewel een uitbreiding van de EU op lange termijn gunstig kan zijn voor Duitsland, omdat er meer ruimte voor investeringen ontstaat, bestaat er in de Bondsrepubliek momenteel vooral aandacht voor de mogelijke negatieve consequenties van een uitbreiding. Behalve een toestroom van goedkope arbeidsimmigranten vreest de Duitse bevolking vooral de kosten die een uitbreiding van de EU met zich meebrengt. De regeringen van de kandidaat-lidstaten hopen dat toetreding tot de EU ertoe leidt dat hun agrarische sector kan profiteren van het ruimhartige systeem van landbouwsubsidies dat de Unie hanteert. Aangezien dit systeem grotendeels gefinancierd wordt door Duitsland, dreigt de Duitse belastingbetaler op te draaien voor de Osterweiterung. Daarom heeft bondskanselier Schröder in juli aangekondigd het besluit over de Osterweiterung afhankelijk te willen maken van een herziening van het bedrag dat Duitsland jaarlijks afdraagt aan het Europese landbouwbeleid. Dit voornemen sluit aan op de koers die Schröder de afgelopen vier jaar heeft gevolgd ten aanzien van de EU, door de belangen van Duitsland relatief veel aandacht te schenken. Schröder's rivaal, Stoiber, heeft laten weten de landbouwsubsidies tot 2006 ongemoeid te willen laten. Dat betekent goed nieuws voor het Frankrijk van Chirac, dat van alle EU-landen de meeste subsidie ontvangt. Stoiber zet de traditie voort van CDU-politici als Adenauer en Kohl, voor wie de Europese samenwerking prioriteit genoot. Een goede verstandhouding met Frankrijk is altijd een pijler geweest van deze samenwerking.
Terwijl de opstelling van Schröder inzake de EU continuïteit vertoont met zijn beleid van de afgelopen jaren, is er op het terrein van de internationale veiligheid sinds kort sprake van discontinuïteit. Hoewel Schröder in 1999 Duitse militairen in NAVO-verband in Kosovo liet opereren en in 2001 Duitse soldaten beschikbaar stelde voor de strijd in Afghanistan, heeft hij inmiddels aangegeven dat Duitsland tijdens zijn kanselierschap niet zal deelnemen aan een eventuele oorlog tegen Irak - zelfs wanneer die onder VN-mandaat gevoerd wordt. Volgens de oppositiepartijen CDU/CSU en FDP is deze abrupte koerswijziging slechts bedoeld om een onafhankelijke indruk te wekken en de aandacht af te leiden van de dramatische, binnenlandse problematiek op de arbeidsmarkt. CDU/CSU-kandidaat Stoiber wijst Duitse deelname aan een aanval op Irak af omdat de Duitse krijgsmacht momenteel zijn maximale capaciteit zou benutten.
Hoewel het verschil in opstelling van Schröder en Stoiber misschien anders doet vermoeden, bestaat er in Duitsland een ruime mate van overeenstemming over het beleid ten aanzien van de EU en de internationale veiligheid. De enige partij die in dit opzicht een werkelijk afwijkende positie inneemt is de PDS. Sinds Bündnis 90/Die Grünen in 1999 instemde met de inzet van Duitse NAVO-militairen in Kosovo, is zij de enige partij in de Bondsdag die de Bundeswehr slechts wil inzetten wanneer het grondgebied van de Bondsrepubliek wordt aangevallen.
Bündnis 90/Die Grünen
Bündnis 90/Die Grünen is voor uitbreiding van de Europese Unie. De nieuwe lidstaten moeten in 2004 kunnen deelnemen aan de verkiezingen voor het Europees parlement. Omwille van de internationale conflictbeheersing moeten de competenties van het Europese Parlement, de Europese Commissie en de Verenigde Naties worden uitgebreid. Internationale inzet van de Bundeswehr moet afhankelijk zijn van een VN-mandaat. De Bundeswehr moet worden gemoderniseerd door het leger te reduceren tot 200.000 man en de dienstplicht af te schaffen, ten gunste van een professioneel leger. De EU moet een actieve ontwapeningspolitiek voeren.
De CDU/CSU streeft naar uitbreiding van de EU zonder dat dit ten koste gaat van de belangen van vooral de Duitse boeren. De Europese samenwerking moet versterkt worden, met name de band met Frankrijk verdient hernieuwde aandacht. Er moet worden gestreefd naar een gemeenschappelijk buitenlands- en defensiebeleid van de EU en naar een gemeenschappelijke bewapeningspolitiek. Het defensiebudget van Duitsland moet worden verhoogd en de dienstplicht moet worden gehandhaafd. Het Duitse budget van ontwikkelingshulp moet worden verhoogd.
De FDP wil dat de nieuwe lidstaten van de EU in 2004 kunnen deelnemen aan de verkiezingen voor het Europees Parlement. De inwoners van de nieuwe lidstaten moeten zonder tijdelijke restricties direct toegang krijgen tot de arbeidsmarkt van de EU. De EU moet een gemeenschappelijk beleid ontwikkelen op terrein van justitie en interne veiligheid; buitenlands beleid blijft competentie lidstaten. De EU moet streven naar een gemeenschappelijke krijgsmacht onder centraal bevel. Het defensiebudget van Duitsland moet worden verhoogd en het leger moet worden gemoderniseerd door de dienstplicht af te schaffen en een professioneel leger in te voeren.
De PDS steunt de toetreding van de kandidaat-lidstaten tot de Europese Unie. Voor 2006 een uitbreiding van de begroting van de EU met vijf procent van het bruto binnenlands product van de Unie. Bovendien een jaarlijkse verhoging van het vermogen van het structuurfonds (een permanent fonds dat is opgezet voor structurele, financiële ondersteuning van de armere lidstaten. Voornamelijk gefinancierd door de rijkere lidstaten) met tien procent. De Economische en Monetaire Unie op termijn uitbreiden met unies voor milieu en arbeid. De Bundeswehr binnen acht jaar reduceren tot honderdduizend man; de Bundeswehr alleen inzetten wanneer Duits grondgebied wordt aangevallen.
De SPD streeft ernaar dat de inwoners van de nieuwe lidstaten van de EU in 2004 kunnen deelnemen aan de verkiezingen voor het Europees Parlement. De exportsubsidies voor landbouwproducten die leiden tot oneerlijke concurrentie met ontwikkelingslanden, moeten worden afgeschaft. Het vrije verkeer van werknemers binnen de EU moet na de uitbreiding tijdelijk worden gereguleerd. Het budget voor ontwikkelingshulp moet worden verhoogd. Rusland mag lid worden van de Wereld Handels Organisatie. Een modernisering van de Bundeswehr moet worden gecombineerd met de handhaving van de dienstplicht.