- Economische malaise en Reformstau
- Actueel
- Knelpunten in de Duitse economie
- Belangrijkste spelers
- De macht van de vakbeweging
- Hervormingsplannen
- Alternatieve plannen
- De prijs van SchrXders hervormingen
- Ich AG
- Arbeidsmarktpolitiek
- Economische gevolgen van de Duitse vereniging
- De Duitse economie en Europa
- Geschiedenis Duitse verzorgingsstaat
- Spotprenten
Pensioenen
1-jul-0003
Duitsland kent grote pensioenzorgen. Deze worden vooral veroorzaakt door de royale uitkeringen, het omslagstelsel en de problematiek van de vergrijzing. Het Duitse staatspensioen bedraagt maar liefst zeventig procent van het gemiddelde inkomen. Ter vergelijking: de AOW in Nederland bedraagt zeventig procent van het minimumloon. In Duitsland vindt pensioenuitkering plaats op basis van het omslagstelsel. Werknemers betalen niet voor hun eigen pensioen, maar voor dat van hen die nú gepensioneerd zijn. Dit systeem heeft lange tijd naar behoren gewerkt, doordat de 'babyboomgeneratie' zorgde voor voldoende werkende mensen. Nu deze generatie echter met pensioen gaat en het geboortecijfer terugloopt, levert het omslagstelsel problemen op. Door de vergrijzing komen er steeds meer gepensioneerden bij met een stijgende levensverwachting, terwijl er steeds minder mensen aan het werk zijn. Bovendien worden pensioengerechtigden door het omslagstelsel niet gestimuleerd om te gaan werken. Omdat de premiebijdragen voor het staatspensioen onvoldoende zijn, draagt de Duitse overheid nu al een kwart van alle pensioenuitkeringen bij. De pensioendruk voor de regering komt zo ruim boven het Europese gemiddelde te liggen. Tijdens de eerste ambtstermijn van Schröder heeft de bondsregering de zogenaamde Riesterrente ingesteld. Hierdoor worden particulieren fiscaal gestimuleerd te geld opzij te zetten voor aanvullende pensioenen.
Duitsland
Omslagstelsel
Grotendeels
staatsfinanciering
Sterke overdrachtsbeperkingen
Bevolkingsgroei (Aantal inwoners in miljoenen)
2001 | 2050 | |
NL | 16,3 | 17,6 |
DE | 82,2 | 70 |
Ouderenquotient (%65+ tegen % 20-60)
Duitsland
1999: 39,8
2010: 45,8
2050: 74,7
Percentage 65+
Nederland
1998: 14
2010: 15
2050: 22
Bron: Statistisches Bundesamt en CBS
Nederland
Gemengd stelsel
Gemengde financiering
Geringe overdrachtsbeperkingen