© Duitsland Instituut Amsterdam Duitsland Instituut Amsterdam

Landschap tussen 'Traum' en trauma

Dessau en omgeving

1-mei-0006Annemieke Hendriks 

Dessau werd in de twintigste eeuw het middelpunt van de moderne architectuur toen Walter Gropius er zich met zijn Bauhaus vestigde. Dit centrum voor 'eigentijdse architectuur en design' heeft ook de latere DDR-tijd doorstaan. Na de val van de Muur is Dessau ook anderzijds weer opgeleefd. Vanaf begin jaren negentig is het industriële landschap omgevormd tot een 'Industrieel Tuinenrijk' - een onbekende bezienswaardigheid.

Het Bauhaus in Dessau. Bron: Bauhaus-Dessau.deIn een vergeten hoekje van de oude brouwerij slingeren een paar vervuilde, ongebruikte etiketten voor flesjes Vita-Cola rond. Juist in Dessau, de stad waar met zoveel hartstocht en woede is gebouwd, stilgelegd en gesloopt, zijn tekenen van vervlogen tijden welkom. Op de etiketten staat ‘VEB Brauerei Dessau’, naar het Volks-Eigen Bedrijf dat een dappere poging deed een socialistisch coladrankje te produceren.

"Het bier dat hier ten tijde van de DDR werd gefabriceerd, was ook al niet te zuipen", vertelt een Dessauer in het Klub-café. Het brouwerijbedrijf moest kort na de Wende worden gestaakt, maar niet om deze reden. Het zwaar vervallen bakstenen fabriekscomplex, dat wel Duitslands mooiste brouwerij werd genoemd en DDR’s grootste was, werd gered dankzij een bezielde lobby vanuit het Bauhaus. Tenslotte was al driekwart van Dessau’s vooroorlogs stedenschoon weggebombardeerd.

Het Bauhaus – hét Bauhaus – had ook een bom langszij gekregen. Maar Walter Gropius’ vermaarde hogeschool en laboratorium voor eigentijdse architectuur en design uit 1925/26 overleefde. Rolf Kuhn, de directeur die het instituut na de val van de Muur leven in kwam blazen, trof de regio Dessau aan "zwischen Traum und Trauma". De hoogste tijd voor een mentale en landschappelijke revolutie, vond hij. "In de jaren twintig was het industrialiseringsproces de inspiratiebron voor Gropius en de zijnen. Ik zag het als mijn taak om een antwoord te vinden op de de-industrialisering."    

'Vergroening'

Kuhn noemde zijn antwoord ‘Het Industriële Tuinenrijk’. Dessau is een van de vele krimpende steden in de voormalige DDR. Vóór de oorlog leefden meer dan honderdduizend mensen en nu geen tachtigduizend meer. De industrie is ingestort, fabrieken en huizen worden afgebroken. Het ‘Tuinenrijk’ kun je als toespeling op dit ‘vergroeningsproces’ zien. Maar de toevoeging ‘Industriële’ geeft al aan dat het veel meer is. Het gaat om allerlei locaties in en om Dessau, die vertellen hoe de omgeving de afgelopen drie eeuwen werd gevormd en vervormd. Door deze onder de aandacht te brengen, zouden de mensen minder ‘dolen’ door hun sterk veranderende omgeving.

Van deze fascinerende tijdreis vormt het Bauhaus zelf het middelpunt. In dit expressief zwart-witte Unesco-monument uit glas, staal en beton wordt weer ontworpen, tentoongesteld en gestudeerd. Al is er met het vertrek van Kuhn naar de IBA, de Internationale Bau-Ausstellung in Duitslands uiterste oosten waar hij sinds een aantal jaren zijn visies voortzet, weer wat schwung verloren gegaan. Maar je kunt – dit weet bijna niemand – in de oorspronkelijke studentenkamertjes voor weinig geld logeren en dat maakt veel goed. Ook kun je een goed gesprek voeren in het inpandige Klub-café of een warme hap eten in de Bauhaus-mensa.

Blokkendozen

Het 'Meisterhaus' waar Paul Klee en Wassily Kandinsky woonden. Bron: Bauhausstadt.deEr staan in de stad nog andere wonderen van de vooroorlogse bouwstijl. Tussen hoge pijnbomen zijn de ‘Meisterhäuser’ voor en door de Bauhaus-docenten neergezet. Hier woonde en werkte het puikje van de internationale avant-garde: Paul Klee en Wassily Kandinsky onder één dak, naast Lyonal Feininger en Oskar Schlemmer. De witte blokkendozen waren van binnen door de heren kunstenaars bedacht met kleurenexperimenten. Ze zijn al dan niet kleurgetrouw gerestaureerd en toegankelijk. In het Feininger-Haus is een permanente tentoonstelling gewijd aan een Dessause tijdgenoot van toen, de componist Kurt Weill. Begin 2006 gaat Dessau Weills vijftigste sterfdag groots herdenken, waarbij enige legendarische opera’s worden opgevoerd die hij met Bertolt Brecht maakte. In een andere stadswijk zijn Gropius’ machinaal vervaardigde woningen à la ons Betondorp niet zo herkenbaar meer. Een paar generaties bewoners hebben ze naar eigen smaak opgeleukt en uitgebouwd. Verderop aan de Elbe ligt de uitspanning het Neue Kornhaus, dat met zijn glazen koepel, zalen en terrassen nog in tact is als subliem statement van rond 1930.

Het erfgoed van de negentiende-eeuwse industrie heeft natuurlijk ook een plek gekregen in Kuhns rijk. Althans wat nog overeind staat en geconserveerd werd, zoals de genoemde Dessause brouwerij. Van de immense gist- en suikerfabriek aan het spoor is een groot deel verdwenen. Daarmee zijn ook de trauma’s onverwerkt gebleven. Enkele dappere burgers hebben na de Wende nog wel vergeefs geprobeerd om arbeiders aan de praat te krijgen, die hier in de jaren 40-45 werkten. Zij fabriceerden namelijk niet alleen suiker. IG Farben-dochter Degesch, de Deutsche Gesellschaft für Schädlingsbekämpfung (ongediertebestrijding) liet ook blauwzuur produceren. Een deel ging naar de Wehrmacht, ter bestrijding van luizen. Een ander deel ging in soepblikken als het vernietigingsgas Zyklon B naar Auschwitz. In een DDR-brochure uit 1971 over honderd jaar chemie in Dessau staat één bijzin over Zyklon B.

Vervuiling

Op de fiets beweeg je je als een vorst door het Industriële Tuinenrijk. Bijvoorbeeld naar en door Wolfen-Bitterfeld, het industriegebied dat zich tien tot twintig kilometer onder Dessau uitstrekt. De elektrochemische droom was begonnen met de chloorfabriek die de geniale Walther Rathenau hier rond 1900 bouwde. Het immense industrieterrein is in Bitterfelds vooroord Wolfen goed te betreden. Pal achter de oude poort staat nog het prachtige, geronde bureaucomplex van de Agfa-filmfabriek dat om en nabij 1920 gebouwd werd. Na de oorlog werd uit Agfa het staatsbedrijf Orwo, Original Wolfen. Het hier ontwikkelde DeDeRon, een nylon-variant, was de trots van de DDR-vrouw.

Maar op de plek waar tijdens de Eerste Wereldoorlog nog gifgas voor de vijand werd gepoduceerd, werd het gif nu een groot gevaar voor de chemie-arbeiders zelf. ‘Sehen wir uns nicht mehr auf dieser Welt, dann sehen wir uns wieder in Bitterfeld’, zo luidde een bekend gezegde. Bitterfeld heette Europa’s meest vervuilde oord te zijn, een chemische keuken met luchten als grauwe dampbaden en de Elbe als cloaca. In de plaatselijke kroegen kun je nog verhalen opzuigen over lekkende pijpen waaruit het verstikkende chloorgas stroomde. De remedie was dan een slok Schnaps voor alle betrokkenen. Er staan nog wat gebouwen van toen overeind op het terrein, dat nu vooral grotesk leeg en stil oogt. Daarnaast zijn er enkele nieuwe vestigingen, zoals die van Akzo Nobel. Dankzij de inzet vanuit het Bauhaus is een van de oude Agfa-productiegebouwen nu industrieel museum.

Contrast

Ferropolis in 1997, verlicht door Jonathan Park. Bron: Industrielles-Gartenreich.comWie vanuit Dessau naar het oosten rijdt, komt na een kilometer of tien bij twee andere bijzondere locaties van het Industriële Tuinenrijk: een woestijnlandschap met als contrast een weelderig parklandschap. Het eerste heet Ferropolis, de stad uit ijzer. Het is een voormalige dagbouwgroeve, waar de bruinkool werd gewonnen die het chemisch-industriële raderwerk draaiende hield. De monsterlijk grote graaf- en baggermachines leken na 1989 rijp voor de schroothoop. Maar het Bauhaus wilde ook dit erfgoed behouden, ter lering voor de nazaten van de voormalige dagbouwwerkers en ter vermaak. Ferropolis is een openluchtmuseum annex kunstarena, waarin de ijzeren bruinkoolwinningsmonsters voor een lichtshow worden ingezet.

Na deze ervaring met het dagbouwtrauma, een industrie die vele Duitse dorpen heeft opgeslokt en kraters achterliet, verschijnt het nabije parklandschap als een oase. Dit Gartenreich Dessau-Wörlitz is waargemaakte utopie uit de achttiende eeuw. Ook toen zette de mens het landschap naar eigen hand. Vorst Leopold Friedrich Franz kon zijn droomrijk van tuinen met landhuizen in allerlei architectuurmodes verwezenlijken dankzij het waterrijk dat de Elbe hier met haar zijstromen vormde. De rivier is hier nooit gestroomlijnd en de Muur viel voordat de bruinkoolindustrie het grondwaterpeil dramatisch had aangetast. Het Gartenreich is dus intact gebleven en staat nu ook op de Unesco-lijst. Het leende zijn naam aan Kuhns Industriële Tuinenrijk. Daarmee heeft het Bauhaus-project zijn wortels in de kunst van de Hollandse watertovenaars rond het vorstenhuis van Oranje. Leopold is namelijk een Oranje-nazaat; paleis Oranienbaum ligt een paar kilometer verderop. Maar dat is een ander verhaal.

Annemieke Hendriks is freelance journalist in Berlijn en Amsterdam.

Duitslandweb
feed link
Links
Dessau
Trivia

Het Bauhaus in Dessau. Bron: Bauhaus-Dessau.de

Het Bauhaus in Dessau. Bron: Bauhaus-Dessau.de

Een ander beroemd voorbeeld van de Bauhaus-stijl: Het Kornhaus in Dessau. Bron: Bauhaus-Dessau.de

De 'stalen monsters' als kunstobjecten: Ferropolis. Bron: ferropolis-online.de

Het 'Gartenreich' Dessau-Woerlitz. Bron: Gartenreich.com

Info
Info

Dessau

Het stadje Dessau (ca. 80.000 inwoners) ligt in de deelstaat Saksen-Anhalt en is vooral bekend als centrum van de architectonische Bauhaus-school.