© Duitsland Instituut Amsterdam Duitsland Instituut Amsterdam

Berlijn geeft sfinx van Hattusa terug aan Turkije

Pergamonmuseum is archeologisch schat kwijt

28-jul-2011Redactie Duitslandweb

Decennialang ruzieden Duitsland en Turkije om de sfinx van Hattusa. In 1915 haalden Duitse wetenschappers de zwaar gehavende, 4000 jaar oude sculptuur uit Turkije naar Berlijn voor restauratie. Na 96 jaar is de sfinx weer gearriveerd in zijn thuisland en is het Pergamonmuseum in Berlijn een archeologische attractie armer.

Sfinx van Hatussa in het Pergamon

Sfinx van Hatussa

De Duitse archeoloog Otto Puchstein stootte tijdens opgravingen in 1907 op de oude stadsmuren van Hattusa, de hoofdstad van het vroegere Hettitische Koninkrijk dat in het huidige Turkije ligt. De muur werd blootgelegd met de twee sfinxen die tot ongeveer 3700 jaar geleden de poorten van de stad hadden bewaakt. Tijdens de Eerste Wereldoorlog werden de kalkstenen leeuwachtige sculpturen naar Berlijn gebracht en daar gerestaureerd. Slechts een van de twee sfinxen keerde in 1924 terug naar Turkije. De ander bleef in Berlijn en was vanaf 1934 te zien in het Pergamonmuseum.

De eerste terugvordering van de sfinx deed de Turkse regering in 1938. Sindsdien is er ruzie om de sculptuur. De Turkse regering vindt dat de kunstschat thuishoort in het land van herkomst. De Duitse autoriteiten blijven echter vasthouden aan afspraken die beide landen maakten ten tijde van de vondst. Volgens Hermann Parzinger, directeur van de Stiftung Preussischer Kulturbesitz, was toen besloten dat de vondsten zouden worden verdeeld tussen Turkije en Duitsland. “Het principe van de zogenoemde Fundteilung is lang gedateerd, maar in de context van de toenmalige situatie heeft de afspraak ook in het heden nog haar juridische en morele legitimatie”, zegt Parzinger in de Frankfurter Allgemeine Zeitung.

Duits-Turkse vriendschap 

In februari stelde de Turkse minister Ertugrul Günay van Cultuur een ultimatum: de sfinx moest terug naar zijn thuisland, anders zouden Duitse archeologen geen opgravingen meer mogen verrichten in Hatussa. Dit zou het einde betekenen van een lange traditie van Duitse opgravingen bij die ruïnes, die tegenwoordig tot het Unesco werelderfgoed behoren. De archeologen Carl Humann en Hugo Winckler begonnen in 1906 met de opgravingen die snel wereldberoemd werden.

Uiteindelijk heeft Duitsland nu toch werk gemaakt van de teruggave van de sculptuur. Minister Neumann van Cultuur (CDU) benadrukte dat het een “vrijwillig gebaar was van de Duits-Turkse vriendschap”. Duitse musea waren bang dat Turkije meerdere archeologisch schatten zou terugvorderen – Duitse musea bezitten nog veel meer kunst van Turkse afkomst, schrijft Spiegel Online - maar volgens Neumann zijn beide landen het erover eens dat “de sfinx een op zich zelf staand geval is” dat niet met andere kunstschatten kan worden vergeleken. De sfinx van Hatussa is nu in het Archeologisch Museum van Istanbul te zien.

 

Duitslandweb
feed link
Gerelateerde artikelen
Externe links