© Duitsland Instituut Amsterdam Duitsland Instituut Amsterdam

Pofalla's kruistocht

Christendemocraten willen crucifix in overheidsgebouwen

27-sep-2007Carina de Jonge

(27 september 2007) De roep van een aantal christendemocraten om verplichte crucifixen in overheidsgebouwen klinkt wat achterhaald: de Beierse deelstaatregering moest al in 1995 een dergelijke regeling uit de schoolwetgeving schrappen. Waarom halen CDU en CSU dit onderwerp nu toch weer van stal?

Secretaris-generaal van de CDU Ronald Pofalla. Foto: www.ronald-pofalla.deOpnieuw woedt een crucifix-strijd in de Duitse politiek. Twaalf jaar na het veelbesproken crucifixbesluit van het federale constitutionele hof eist nu de secretaris-generaal van de CDU, Ronald Pofalla, dat in scholen en andere overheidsgebouwen weer crucifixen worden opgehangen. En hij staat niet alleen met deze wens. Een viertal conservatieve christendemocraten, onder wie Pofalla's CSU-ambtgenoot Markus Söder, pleit in een begin deze maand uitgebracht "strategisch papier" voor een herbezinning op de conservatieve waarden van de CDU en haar Beierse zusterpartij de CSU. Daarbij hoort volgens hen ook de zichtbaarheid van "christelijke symbolen als het crucifix in de openbare ruimte". Pofalla deed hier een paar dagen later nog een schepje bovenop door een crucifixplicht voor te stellen.

Crucifixen verplicht
Duitse opiniemakers en deelnemers aan internetfora reageerden verbaasd op deze eisen. Velen konden zich het spraakmakende crucifixbesluit uit 1995 nog herinneren. Aanleiding voor dit besluit van het gerechtshof in Karlsruhe vormde de klacht van een Beiers ouderpaar. Zij hadden kritiek op de schoolwetgeving in de deelstaat, die al sinds het eind van de oorlog christendemocratisch geregeerd wordt. De wetgeving stelde het ophangen van crucifixen verplicht in de voor het merendeel openbare basisscholen en instellingen voor voorbereidend beroepsonderwijs.

Het constitutionele hof stelde de ouders in het gelijk. Het aanbrengen van christelijke symbolen in openbare schoolgebouwen is in strijd met de grondwet en de daarin vastgelegde vrijheid van geloof, staat in het eindoordeel. Duidelijke taal vanuit Karlsruhe. Om een concreet plan is het Pofalla en zijn medestanders dus kennelijk niet te doen, nu zij de crucifixkwestie weer op de agenda zetten.

Kiezerspotentieel afdekken

Crucifix van Michelangelo, 1492. Foto: www.answers.comPofalla's woorden en de stellingen van de rechtsconservatieve vleugel laten in dat opzicht aan duidelijkheid ook niets te wensen over. Ze zeggen expliciet aan de verscherping van hun rechts-conservatieve profiel te werken, met het doel "het kiezerspotentieel" volledig "af te dekken". Dat klinkt meer als een strategisch marketingplan dan als een fundamentalistisch pamflet. Maar of de christendemocraten zichzelf een dienst bewijzen door van het crucifix een soort partijlogo te maken, is nog maar de vraag.

Het crucifixbesluit was destijds een gevoelige nederlaag voor Edmund Stoiber, toen al Beiers minister-president, en zijn CSU-partijgenoten. Er zijn meer overeenkomsten met de nieuwe crucifixstrijd dan op het eerste gezicht lijkt. Ook in 1995 gebruikte de CSU volgens commentatoren het crucifix als middel om haar politieke terrein af te bakenen.

De rechtsstrijd met crucifix-tegenstanders Ernst en Renate Seler had helemaal niet zo ver hoeven te escaleren. De rechter die het oordeel velde, Johann Friedrich Hentschel, wees er destijds in een interview op dat de – overigens wel christelijke - Selers zelf herhaaldelijk compromissen hadden voorgesteld. Hun antroposofisch getinte geloofsopvatting verbood slechts de confrontatie van hun drie kinderen met de wrede aanblik van de gekruisigde. Met het vervangen van het crucifix door een leeg kruis waren zij al tevreden geweest. Toen de klacht echter eenmaal voor de rechter werd gebracht, moest deze wel beslissen dat de verplichte crucifixen strijdig met de grondwet waren. Een deelstaat mag zich namelijk niet bekennen tot een bepaald geloof.

Christendom en geloofsvrijheid

Ook al dateert de eerste crucifixstrijd van vóór de uitvinding van de Leitkultur en de toenemende islamofobie: de houding die aan het conflict ten grondslag ligt, lijkt als twee druppels water op die van de huidige CDU. Het verkennen van de grenzen van de grondwet is in het geval van de crucifixstrijd geen uitdrukking van antidemocratische neigingen, maar van de ambivalente positie van een christelijke partij binnen de seculiere democratie. De CDU kan uiteraard haar politieke opvattingen en haar beleid baseren op het eigen geloof. Zodra het er echter om gaat dit geloof in de openbare ruimte zichtbaar te maken, ziet zij zich beperkt door de principes van geloofsvrijheid en de scheiding van kerk en staat.

De CSU probeerde destijds deze beperking op te heffen door te claimen dat het katholicisme onlosmakelijk verbonden was met de Beierse cultuur. Met deze gedachtegang probeerde zij haar sinds de Tweede Wereldoorlog toch al sterke positie in Beieren min of meer "met Gods hulp" te rechtvaardigen. Een mogelijke oorzaak van dit territoriumgedrag vormde het slechte resultaat van de christendemocraten bij de Bondsdagverkiezingen in 1994.

Legitimatiedwang

Secretarissen-generaal Soeder en Pofalla bij een persconferentie. Foto: www.tagesschau.deOok in het huidige crucifixdebat is er sprake van legitimatiedwang bij de christendemocraten. Tegenover de Frankfurter Allgemeine Zeitung sprak Pofalla begin deze maand duidelijke taal: de CDU wil voor de volgende regeringsperiode geen grote coalitie meer. Daarom is het broodnodig om haar eigen profiel aan te scherpen. Een herbezinning op de 'c' in de partijnaam ligt daarbij voor de hand. Net als de CSU in 1995 verklaart de CDU bij monde van Pofalla daarom nu de waarden waarop de Duitse democratie berust, voor het gemak tot unieke christelijke verworvenheden.

Voor de herbezinning van de CDU op haar burgerlijk-conservatieve profiel valt zeker iets te zeggen. Zo lijkt het streven van CDU en CSU om 'de enige partij rechts van het midden' te zijn het versterkt opkomen van extreemrechtse bewegingen tegen te gaan - een gevaar, dat zich juist bij een grote coalitie vaak voordoet.

Stemgedrag

Of zij daarvoor nu uitgerekend weer het crucifix als middel moet gebruiken, is echter maar de vraag. De rechtssituatie wat betreft religieuze symbolen in de openbare ruimte is eenduidig - geen wonder dus, dat op het internet allerlei wilde theorieën over het zogenaamd democratievijandige karakter van de CDU de ronde doen. Bovendien richt Pofalla zich met zijn oproep maar aan een kleine groep personen. Zo ziet hij niet alleen christelijke stromingen die crucifixen veroordelen over het hoofd, ook verspeelt hij met zijn fixatie op christelijke symbolen de aansluiting bij de Duitse moslimbevolking. Deze zou anders wellicht openstaan voor het conservatieve gedachtegoed van de CDU, zoals wel aan het stemgedrag van moslims in andere Europese landen is te zien.

De meeste andere Duitsers lopen trouwens ook niet warm voor de herinvoering van het crucifix in openbare ruimtes. in een enquête van weekblad Focus geeft meer dan de helft van de ondervraagden aan tegen het plan te zijn. Desondanks bestaat geen aanleiding tot cultuurpessimisme: in de meeste Beierse scholen hangt tot op de dag van vandaag een crucifix.

Carina de Jonge promoveert in München en schrijft regelmatig voor het Duitslandweb.

Duitslandweb
feed link