© Duitsland Instituut Amsterdam Duitsland Instituut Amsterdam

Duitse recycling loopt jaren voor op Nederland

Duitsland is de inzamel-kampioen van Europa

19-sep-2007Carina de Jonge

(19 september 2007) Vanaf volgend jaar begint in Nederland de gescheiden inzameling van plastic verpakkingsmateriaal. Nieuw voor de Nederlanders, maar in Duitsland al meer dan vijftien jaar de gewoonste zaak van de wereld.

Afbeelding: www.umweltforscher.deDe culturele verschillen tussen Nederland en Duitsland zijn zo klein dat je in het buurland eigenlijk nauwelijks echte blunders kunt maken. Maar bijna iedere Nederlander met banden met Duitsland kan wel een verhaal opdissen over de ontzette Duitse blikken na een achteloos in de vuilnisbak gesmeten yoghurtbekertje. Omgekeerd heeft vrijwel elke Duitser in Nederland weleens vergeefs een vreemde keuken afgezocht naar de kunststofbak.

Toch zal ook deze culturele barrière met een beetje geluk snel geslecht worden. Want vanaf 1 januari 2008 treedt in Nederland namelijk een nieuw recyclingsbeleid in werking. Veel meer kunststof verpakkingen zullen in de toekomst gescheiden ingezameld en gerecycled worden. Dat moet een jaarlijkse besparing opleveren van ongeveer 210 kiloton CO2, vergelijkbaar met het electriciteitsgebruik van 100.000 huishoudens. Voor de financiering van de plannen moet een nog in te voeren verpakkingenbelasting zorgen.  

Wat het inzamelen van kunststof verpakkingen betreft, neemt Duitsland al jaren een unieke positie in binnen Europa. Met de landelijke invoer van de verpakkingsrichtlijn onder milieuminister Klaus Töpfer (CDU) in 1991 liep de Duitse regering voor op de EU-regelgeving, een voorsprong die zestien jaar later nog steeds aanhoudt. Hoewel Denemarken en België er binnen de EU de hoogste recyclingpercentages op na houden, staat Duitsland op het gebied van kunststofinzameling op eenzame hoogte. Ruim tweederde van het in Duitsland geproduceerde kunststofafval vindt zijn weg naar het fijnmazige recyclingssysteem.

Onafhankelijk onderzoek, bijvoorbeeld van het Zwitserse Prognos Instituut, laat zien dat het Duitse model de afgelopen anderhalve decennia aanzienlijke milieusuccessen heeft geboekt. Zo bespaart hergebruik van kunststof 1,7 miljoen ton co2-equivalent. Ook uit economisch oogpunt is recycling in Duitsland, dat weinig eigen grondstoffen heeft, een lucratieve onderneming. Het Institut der Deutschen Wirtschaft in Keulen berekende dat de productie van 'secundaire grondstoffen' met behulp van recyclingtechnieken in 2005 een besparing van bijna 4 miljard euro opleverde.

Lucratief

En juist in de economische prikkel schuilt een verklaring voor het succes van het Duits model: de afvalverwerkende industrie verdient goed aan kunststof-recycling. Daardoor zijn de capaciteiten van de verwerkingsfabrieken snel gegroeid. En doordat de overheid de inzameling van kunststof grotendeels aan de vrije markt overlaat, blijven bovendien de kosten voor consumenten en producenten binnen de perken.

Uit het dagelijks leven van Duitse consumenten valt de de scheiding van plastic afval allang niet meer weg te denken: uit enquetes blijkt dat bijna negentig procent van de bevolking bereid is om kunststof verpakkingen van het restafval te scheiden. Toch ligt de verantwoordelijkheid voor het afval uiteindelijk bij de producent. Iedere verpakkingsfabrikant is sinds 1991 verplicht om aan te tonen dat hij zorg draagt voor de recycling van zijn product.

Groene punt

Afbeelding: www.oekosmos.deOm dit proces te vereenvoudigen werd destijds het Duale System Deutschland (DSD), beter bekend als Der Grüne Punkt, in het leven geroepen. Door een licentievergoeding voor het gebruik van het groene-puntlogo te betalen, leveren de kunststoffabrikanten een bijdrage aan het ophalen van de kunststofverpakkingen. Op die manier vervult de fabrikant zijn verplichting om de milieuvriendelijke omgang met zijn producten zo veel mogelijk te garanderen. Bovendien levert het inmiddels in heel Europa bekende logo op de verpakking een imagowinst op tegenover milieubewuste consumenten. Ook in de Nederlandse supermarkten zijn de groene punten op een groot aantal verpakkingen te vinden, maar een echte betekenis heeft het symbool in ons land niet, aangezien de Nederlandse afvalinzameling anders georganiseerd is dan in de meeste overige EU-staten. 

Het voordeel van dit systeem tegenover het Nederlandse systeem van belastingen is dat het recycling goedkoper maakt. Doordat DSD en de inmiddels op de markt gekomen alternatieve systemen de inzameling van kunststof per regio aan verschillende afvalverwerkingsbedrijven uitbesteden, kunnen zij voor de goedkoopste oplossing kiezen. De wet op de mededinging verplicht de duale systemen om de contracten elke drie jaar te herzien, zodat ook andere verwerkingsbedrijven weer aan bod kunnen komen. Samen met de komst van de concurrerende systemen Interseroh en Landbell heeft dit model ervoor gezorgd dat de kosten van plasticrecycling sterk zijn gedaald.

Haken en ogen

Maar er kleven ook problemen aan de vergaande privatisering van de kunststofrecycling. Zo zijn sommige gemeentes bang dat het inzamelen van verpakkingen op hun bordje terechtkomt zodra dit voor de afvalverwerkende industrie in bepaalde gebieden niet meer rendabel is. En dat terwijl de inmiddels vijf keer herziene verpakkingsrichtlijn van 1991 de gemeentes nu juist zou moeten ontlasten.

Ook kijken verpakkingsindustrie en mededingingscommissies met argusogen naar het DSD, dat ondanks de privatisering nog steeds met afstand de grootste duale systeemaanbieder is. Regelmatig wordt DSD door het Duitse kartelambt op de vingers getikt, bijvoorbeeld omdat het zijn groene punt laat drukken op verpakkingen die eigenlijk door andere systemen worden ingezameld of die op grond van technische problemen nog niet eens ingezameld kúnnen worden. Ook met de Europese mededingingscommissie krijgt het DSD het om die reden aan de stok: het groene-puntlogo is inmiddels in 23 Europese landen geaccepteerd als keurmerk, dat terwijl DSD alleen in Duitsland werkzaam is. Daarom is het sinds 2001 onder bepaalde voorwaarden ook voor vergelijkbare buitenlandse organisaties toegestaan om het logo te voeren – zonder dat DSD er iets van terug ziet.

Toch weer in de vuilnisbak?

Op hun beurt hebben DSD en andere duale systemen te kampen met wanbetalers: zo belanden er door het ijverige Duitse sorteergedrag veel meer verpakkingen in de gele bak voor kunststofafval dan er in werkelijkheid met een groene punt van de loopband rollen. De dit jaar doorgevoerde herziening van de verpakkingsrichtlijn moet voor een betere handhaving zorgen, zodat elke verpakkingsfabrikant daadwerkelijk zijn bijdrage aan de recycling levert. Een centraal coördinatiepunt voor de systeemaanbieders moet er bovendien voor zorgen dat de aanbieders niet meer voor de inzameling betalen dan zij aan licentievergoedingen ontvangen.

Uit de betrekkelijk lange Duitse geschiedenis van de gescheiden plasticinzameling zijn misschien wel een paar interessante lessen te trekken voor het Nederlandse experiment. Toch is het goed mogelijk dat de dure en omslachtige inzameling van plastic op den duur plaats zal maken voor verbeterde technieken om kunststof machinaal van het huisafval te scheiden. Ook in Duitsland kijkt de afvalverwerkingsindustrie met interesse naar die mogelijkheden. Dan zal de gemiddelde Duitser er wel even aan moeten wennen om het plastic weer gewoon in de vuilnisbak te gooien.

Carina de Jonge promoveert in München en schrijft regelmatig voor het Duitslandweb.

Duitslandweb
feed link