Berlijn worstelt met herstelbetalingen Holocaust
Nieuws
23-nov-2007
De herstelbetalingen van Duitsland zijn niet genoeg gebleken, sprak Noach Flug, secretaris-generaal van de Jewish Claims Conference, voor zijn ontmoeting met de Duitse minister in Tel Aviv. Zijn organisatie vertegenwoordigt de belangen van Holocaust-slachtoffers wereldwijd. Flug herhaalde daarmee de recent uitgesproken eis van de Israëlische regering dat Duitsland de morele plicht heeft meer te betalen voor de zogeheten Wiedergutmachung (schadeloosstelling) van Holocaust-slachtoffers. De Israëlische overheid heeft becijferd ongeveer 1,1 miljard euro extra nodig te hebben. Het land wil het bezoek van Steinbrück aangrijpen om nieuwe onderhandelingen over herstelbetalingen af te spreken.
Steinbrück liet echter gelijk weten nieuwe gesprekken met Israël uit te sluiten. Het huidige akkoord, het zogeheten Luxemburger Abkommen uit 1952, wordt niet opengebroken, sprak de minister vandaag. Wel is Duitsland bereid Holocaust-overlevenden extra te ondersteunen door bijvoorbeeld donaties aan de Jewish Claims Conference. Voorwaarde is dat dit geschiedt binnen bestaande regelingen.
ReparerenIsraël onderbouwt zijn verzoek om meer geld met de gestegen levensverwachting van zijn inwoners, waardoor de kosten van de uitkeringen aan de Holocaust-overlevenden hoger zijn uitgevallen dan in 1952 gedacht. Evenmin konden de ondertekenaars van het Luxemburgse akkoord bevroeden dat honderdduizenden Russische Joden, waarvan er velen de Holocaust hebben overleefd, in de jaren negentig naar de Joodse staat zouden emigreren.
“Duitsland heeft met de Wiedergutmachung een mooi huis opgebouwd. Inmiddels zitten er een paar gaten in het dak die we moeten repareren om te voorkomen dat het kapot gaat,” sprak de secretaris van de Jewish Claims Conference gisteren in een interview met de Frankfurter Rundschau.
In het Luxemburgse verdrag spraken de toenmalige Israëlische premier David Ben Goerion en bondskanselier Konrad Adenauer (CDU) af dat de (West-)Duitsers 3 miljard D-mark aan de Israëlische staat zouden betalen en 450 miljoen mark aan de Jewish Claims Conference. In de jaren zestig kwamen beide landen na taaie onderhandelingen overeen dat de Joodse staat na 1969 geen nieuwe aanspraken zou maken.
De Duitse bijdragen zijn verschillende keren opgeschroefd. Sinds het Luxemburgse verdrag heeft Duitsland ongeveer 60 miljard euro aan herstelbetalingen gedaan. Volgens Flug in absolute termen weliswaar een gigantisch bedrag, maar uitgespreid over zes decennia ook weer niet zo heel veel: “Omgerekend is dat in zestig jaar achthonderd euro per Duitser, per jaar dus vijftien euro. Dat staat niet in verhouding met de gepleegde misdaden.”
Schandaal
De Israëlische roep om meer geld is een uitvloeisel van een intense binnenlandse discussie over het wrange lot van de laatste Holocaust-overlevenden. In Israël leven nog ongeveer 120 duizend mensen die de Holocaust hebben meegemaakt, een groot deel hiervan - ongeveer 80 duizend ouderen uit Rusland en Oost-Europa - in armoedige omstandigheden. Zij moeten rondkomen van een uitkering van ongeveer 350 euro per maand. Een grof schandaal, vinden veel Israëli’s.
Eén reden voor hun karige bestaan is dat de Oost-Europese Joden niet zijn gevat onder het Duits-Israëlische verdrag uit 1952. Hun Oost-Europese regeringen, toen het communistische Oostblok, hebben nooit een herstelbetalingsregeling afgesloten met West-Duitsland, laat staan met de DDR. De Oost-Duitse communisten trokken met goedkeuring van de Sovjet-Unie een dikke streep onder de erfenis van nazi-Duitsland en wezen elke verantwoordelijkheid voor misdaden van het Derde Rijk af.
Joden die achter het IJzeren Gordijn leefden, kregen wel steun van de staat, maar aanzienlijk minder dan hun lotgenoten in het Westen. Dit hadden zij te danken aan de lage plaats die zij innamen in de communistische hiërarchie van oorlogsslachtoffers. Veel Oost-Europese Joden kwamen arm aan in Israël en bleven dat ook.
SchrijnendHet beleid van de Israëlische overheid heeft deze situatie in stand gehouden, een punt waar verschillende protestbewegingen in Israël woedend op wijzen. Opeenvolgende regeringen zouden de Duitse herstelbetalingen voornamelijk aan de opbouw van de staat hebben besteed in plaats van aan de behoeftige overlevenden. Met als gevolg de schrijnende situatie dat buitenlandse regeringen, waaronder Duitsland en Nederland, de Joodse slachtoffers eerlijker behandelen dan de Joodse staat zelf. “We willen dat het Duitse geld direct op de bankrekeningen van de slachtoffers wordt gestort en niet als steun dient voor de Israëlische staatskas,” sprak Jewish Claims-secretaris-generaal Flug veelzeggend.
Premier Olmert, die verschillende grote demonstraties voor zijn kantoor zag verschijnen, heeft de uitkeringen verhoogd, maar verdedigt tevens de handelswijze van zijn voorgangers. Immers, de opbouw van Israël was een essentiële voorwaarde voor een menswaardig bestaan van de Joodse overlevenden van de Tweede Wereldoorlog.
Volgens de invloedrijke Holocaust-kenner Tom Segev leidt de discussie over fouten van de Israëlische overheid af van de belangrijkste kwestie: Duitsland heeft de verplichting te blijven betalen zolang er nog één overlevende van de Holocaust in leven is, een oproep die in de Duitse media brede weerklank vindt. “De geschiedenis van de herstelbetalingen is oneindig en er is ook geen streep onder te trekken,” schrijft de Süddeutsche Zeitung vandaag. “In Duitsland zal niet de armoede uitbreken als de overlevenden van de Holocaust een hogere uitkering uit Berlijn ontvangen.”
Bas de Rue is redacteur van het Duitslandweb.