De politieke president
Portret Horst Köhler
21-jul-2005
(21 juli 2005) Bondspresident Köhler staat deze dagen in het middelpunt van de belangstelling. Hij heeft vandaag besloten de bondsdag te ontbinden en de weg naar de verkiezingen vrij te maken. Horst Köhler valt op als president. Hij lijkt geen genoegen te nemen met zijn ceremoniële functie als staatshoofd en doet regelmatig uitspraken over concrete politieke problemen. De bondspresident balanceert hiermee op de rand van zijn bevoegdheden en juist daarom is hij één van de populairste Duitse politici.
“Ik hou van ons land”, sprak Horst Köhler bij zijn benoeming in de Rijksdag in
Berlijn. De woorden waren gericht aan de leden van de Bondsdag en de Bondsraad,
die Köhler zojuist hadden gekozen tot nieuwe bondspresident, het ceremoniële
staatshoofd van de Bondsrepubliek. Köhlers woorden deden links en rechts wat
wenkbrauwen fronsen: expliciete sympathiebetuigingen aan het eigen land worden
ook zestig jaar na de oorlog door veel Duitsers nog altijd met argusogen
gadegeslagen. Dat geldt des te sterker wanneer het gaat om uitspraken van de
bondspresident, omdat hij vanwege zijn representatieve functie geacht wordt
afstand te bewaren van politiek gevoelige uitspraken.
Van alle negen presidenten die de Bondsrepubliek heeft gekend, staat de nu 62-jarige econoom bekend als de politiek meest uitgesprokene. Dat is geen toeval. Al voor zijn benoeming kondigde Köhler aan dat hij niet zou schromen om het morele gezag van het ambt aan te wenden om de politieke discussie draaiende te houden. Köhler wilde een ‘ongemakkelijke’ bondspresident zijn.
Representatief ambt
De bondspresident mag met zijn persoonlijk gezag in toespraken, artikelen en interviews invloed uitoefenen op de samenleving; hij mag tot iets aansporen. Beslissingen in de politiek van alledag nemen anderen. Het staatshoofd vertegenwoordigt Duitsland naar buiten, bijvoorbeeld bij reizen naar verre landen. Daar mag hij zich informeren over zeden en gewoonten en ook politieke gesprekken voeren, maar mag daarbij niets concreets zeggen over politieke samenwerking, noch over bijvoorbeeld financiële bestedingen in het kader van ontwikkelingssamenwerking. Zijn taak beperkt zich in de buitenlandse politiek tot het vertegenwoordigen van de staat.
Ook
in de binnenlandse politiek kan de Duitse bondspresident geen initiatieven
nemen. Hij kan niet bepalen wie de bondskanselier wordt, hij geeft hoogstens
leiding aan enkele ambtenaren in het presidentiële kantoor, maar niet aan de
strijdkrachten van het land en hij heeft geen bijzondere bevoegdheden in het
geval van een noodtoestand, bijvoorbeeld bij binnenlandse onrust
Er is in Duitsland geen grijs gebied tussen de invloed van de president en de macht van de bondskanselier. Het kabinet regeert, de bondspresident representeert, zo is het ongeveer verdeeld. Maar tegelijkertijd is de bondspresident één van de best geïnformeerde mensen van het land: één van zijn medewerkers neemt deel aan de zittingen van het kabinet en maakt aantekeningen.
Ondanks deze beperkte bevoegdheden vervult de bondspresident bij politieke impasse een belangrijke functie. Dit is vooral het geval in twee specifieke situaties. Als de politieke partijen het niet meer met elkaar eens kunnen worden over de vorming van een regering dan wordt de bondspresident bemiddelaar. Ook in het zeldzame geval dat de bondskanselier het vertrouwen van het parlement verliest, moet de bondspresident deze vertrouwensvraag toetsen aan de grondwet en beslissen of de Bondsdag (de Duitse Tweede Kamer) moet worden ontbonden en opnieuw verkozen. Hij mag dan ook de dag vaststellen, waarop de nieuwe verkiezingen plaatsvinden.
Politieke betrokkenheid valt volgens veel Duitsers lastig te rijmen met het ceremoniële karakter van het presidentschap. Daartoe is besloten bij de oprichting van de Bondsrepubliek. Dit had als doel om situaties zoals in 1933 te voorkomen toen rijkspresident Von Hindenburg medewerking verleende aan de machtsovername van Adolf Hitler.
Boven de partijen?
Tijdens
zijn kandidaatschap voor bondspresident viel Köhler vooral op door zijn politiek
ongelukkige uitspraken. Hij verweet de Verenigde Staten "arrogantie" en prees
Angela Merkel tot verrassing van zijn partijgenoten binnen de CDU aan als
kanselierskandidate. Verder viel Köhler op door zijn onbekendheid. Als
voorzitter van het Internationaal Monetair Fonds met standplaats Washington gold
hij voor veel Duitsers als onbekende. “Horst WIE?”, schreef boulevardblad
Bild in maart 2004.
De Duitse argwaan heeft inmiddels grotendeels plaatsgemaakt voor instemming. De politieke uitspraken zijn weliswaar gebleven, maar zij worden inmiddels door veel Duitsers beschouwd als nuttige begeleiding bij het politieke debat over de stroeve hervormingen van de rood-groene regering van kanselier Schröder. Zo wekte Köhler afgelopen najaar in eerste instantie beroering met zijn uitspraak dat Oost-Duitsers moeten accepteren dat het welvaartsniveau in de voormalige DDR nooit het niveau van de West-Duitse deelstaten zal bereiken. Veel Ossi’s voelden zich als tweederangsburgers behandeld. Maar uiteindelijk kon Köhler op waardering rekenen: hij had het aangedurfd om hardop te zeggen wat velen in Duitsland eigenlijk allang vermoeden, namelijk dat de verschillen tussen Oost en West van duurzame, zo niet blijvende aard zijn. Niet gehinderd door de druk van de opiniepeilingen kan Köhler zeggen waar het op staat.
Hetzelfde gaat op voor Köhlers oproep aan de Duitse bevolking om de globalisering niet alleen te verwensen vanwege de vermeende, negatieve gevolgen voor de Duitse economie, maar ook te beschouwen als een bron van mogelijkheden. Of het nu wenselijk is of niet, het verdwijnen van banen naar het buitenland en de versobering van de verzorgingsstaat zijn nu eenmaal onontkoombaar en dus moeten we niet al onze energie verdoen met geweeklaag, zo luidt de boodschap. Ook deze oproep kon uiteindelijk de goedkeuring van velen wegdragen.
Sleutelfiguur
De
afgelopen weken waren de meest enerverende van Köhlers politieke carrière. Hij
is als hoeder van de grondwet dé sleutelfiguur van de Duitse politiek geworden.
Köhler neemt zijn taak serieus en heeft, ook om zijn onpartijdigheid te
benadrukken, de volle drie weken de tijd genomen om zich te buigen over de
grondwettelijke basis van de vertrouwensvraag. Hij heeft uiteindelijk besloten
om de bondsdag te ontbinden en de weg vrij te maken voor nieuwe verkiezingen. De
ogen zullen in Duitsland nu gericht zijn op het Bundesverfassungsgericht, het
hoogste Duitse gerechtshof, dat de geldigheid van de vertrouwensvraag zal
toetsen aan de grondwet. Köhler keert nu terug naar zijn ceremoniële rol als
staatshoofd.
Dit artikel kwam tot stand met medewerking van Mark Schenkel en Daan Heijbroek