Euthanasie blijft een heet hangijzer
Nederland slecht voorbeeld in Duits euthanasiedebat
25-nov-2005
Tussen al het rumoer rond de vorming van een nieuwe regeringscoalitie door werd in de Duitse media de afgelopen weken plotseling ook over euthanasie gedebatteerd. Aanstichter van het hernieuwde debat blijkt de Zwitserse organisatie Dignitas. Deze ‘sterfhulporganisatie’ biedt mensen die hun leven willen beëindigen uitzicht op een dodelijke hoeveelheid slaapmiddel, die ze zelf tot zich moeten nemen. Er is dus sprake van hulp bij zelfdoding, en niet van actieve euthanasie, waarbij een arts medicatie toedient die tot de dood van de patiënt leidt.
Tot nu toe was de organisatie alleen in Zwitserland gevestigd. Bijna de helft van de leden van Dignitas is echter Duits en meer dan de helft van degenen die bij hun zelfdoding werden bijgestaan was uit Duitsland naar Zwitserland gereisd om daar te kunnen sterven. Om deze Duitse ‘klanten’ beter van dienst te kunnen zijn heeft Dignitas eind september van dit jaar een dépendance in Hannover geopend. Bovendien wil Dignitas-voorzitter Minelli door de vestiging in Duitsland het debat over euthanasie beïnvloeden.
De komst van Dignitas naar Duitsland was voor de christen-democratische minister van Justitie van de deelstaat Nedersaksen, Elisabeth Heuster-Neumann, aanleiding om te laten onderzoeken of de organisatie in Duitsland een voet dwars gezet kan worden. Echter, het verlenen van hulp bij zelfdoding is in de Bondsrepubliek, net als passieve euthanasie (het stopzetten van een levensverlengende behandeling), niet zonder meer verboden. Heuster-Neumann stelde daarom een federale wetswijziging voor, maar dat ging haar coalitiegenoten van de FDP te ver.
OpschuddingVervolgens zorgde een partijgenoot van Heuster-Neumann, Roger Kusch, minister van Justitie in de deelstaat Hamburg, voor nog meer opschudding door nog een stap verder te gaan dan Dignitas. Kusch hield een pleidooi voor legalisering van actieve euthanasie, en dus niet slechts voor hulp bij zelfdoding. Actieve euthanasie is volgens hem "geen overtreding van humane basisprincipes, maar een gebod van christelijke naastenliefde". In de discussie die volgde hadden de tegenstanders van legalisering de overhand, al vond Kusch wel degelijk medestanders.
De discussie wordt bemoeilijkt doordat het begrip ‘euthanasie’ nog wordt geassocieerd met het eufemisme dat de nationaal-socialisten gebruikten voor de moord op onder andere zwakzinnigen. Daarom wordt in de Duitse discussie liever het woord Sterbehilfe gebruikt. Ook de grenzen van het debat worden mede door dit verleden bepaald: actieve euthanasie op onmondige patiënten, zoals kinderen of jongeren, is bijvoorbeeld ook voor vrijwel alle voorstanders van de legalisering van euthanasie onacceptabel.
Hoewel het thema historisch beladen is, wordt er wel degelijk hard en open over gedebatteerd. Voorstanders vinden dat de doodswens uit de taboesfeer moet worden gehaald, zodat mensonwaardige zelfmoordpogingen kunnen worden voorkomen. Mogelijk, zo menen zij, zien veel mensen zelfs van hun voornemen af, als ze het maar serieus met een arts kunnen bespreken. Onder de voorstanders heerst overigens onenigheid over de vraag of alleen hulp bij zelfdoding legaal moet blijven of ook actieve euthanasie bij wet moet worden toegestaan.
Tegenstanders werpen vele bezwaren op tegen zowel legalisering van actieve euthanasie als ook de huidige mogelijkheid hulp bij zelfdoding te bieden. Velen wijzen op de omstandigheden waarin mensen tot hun wens te sterven komen: “Veel oude mensen zeggen nu al: ik ben mijn familie en het gezondheidssysteem tot last. We mogen het niet zo ver laten komen dat deze mensen zich genoopt voelen zogenaamd sociaal verdraaglijk hun leven te beëindigen”, aldus Katrin Göring-Eckardt, voormalig fractievoorzitter van Die Grünen.
Veel Duitse tegenstanders van actieve euthanasie wijzen naar Nederland, waar legalisering drie jaar geleden een feit werd. Volgens hen heeft de nieuwe wetgeving niet het gewenste resultaat gehad: het aantal gevallen van euthanasie zou in Nederland jaarlijks nog stijgen en heeft euthanasie ook niet uit het grijze circuit kunnen halen; nog altijd zou bijna de helft van het aantal gevallen van euthanasie niet worden gemeld. Iedere derde patiënt wordt bovendien niet op eigen verzoek, maar op verzoek van de familie een dodelijke dosis toegediend, weet juriste Christiane Schreiber in de Frankfurter Rundschau te melden.
In hoeveel gevallen niet op verzoek van de patiënt, maar op verzoek van de familie euthanasie wordt gepleegd is moeilijk te staven. Bovendien valt levensbeëindiging zonder verzoek van de patiënt niet onder de gelegaliseerde vormen van euthanasie. Ook of het aantal gevallen van euthanasie stijgt of daalt kan men in Nederland niet vaststellen: het aantal gemelde gevallen van euthanasie is de afgelopen jaren vrijwel gelijk gebleven, maar de toetsingscommissie euthanasie gaf bij de presentatie van haar jaarverslag dit jaar toe dat waarschijnlijk meer dan de helft van het aantal gevallen niet wordt gemeld.
In Nederland zelf is ook wel kritiek op de euthanasiewetgeving. Nog steeds is vaak niet duidelijk waneer euthanasie is toegestaan, beklaagde de Nederlandse Vereniging voor een Vrijwillig Levenseinde in februari 2005 in De Volkskrant. Bovendien is de positie van de arts volgens de vereniging niet duidelijk geregeld en is de voorlichting voor artsen onvoldoende. De juristen Martin Buijsen en Th.A.M. van der Horst bekritiseerden de afgelopen jaren in het pro life-tijdschrift Pro Vita Humana dat de wetgeving geen einde heeft gemaakt aan het hoge aantal ongemelde gevallen van euthanasie en dat de toetsing door commissies niet tot meer transparantie heeft geleid. Buijsen stelde al in 2003 dat "de euthanasiewet in dit opzicht als een mislukking kan worden beschouwd".
Dammbruch
Maar er bestaat nog fundamentelere Duitse kritiek op Nederland. Sinds de Nederlandse legalisering van actieve euthanasie zou het einde helemaal zoek zijn. Er is in Nederland sprake van een Dammbruch, vindt Katrin Göring-Eckardt: “In Nederland wordt nu geopperd de wet ook op ernstig zieke kinderen en jongeren van toepassing te laten zijn. Dat debat is in Nederland alleen mogelijk, doordat de maatschappelijke stemming er sinds de invoering van actieve euthanasie sterk is veranderd. Zulke discussies wil ik hier niet meemaken.”
Inderdaad wordt in Nederland gesproken over de mogelijkheid ook actieve euthanasie voor wilsonbekwamen toe te staan. Op het moment is euthanasie namelijk alleen dan toegestaan, wanneer de patiënt daar uitdrukkelijk zelf mee instemt. Daardoor ontstaat voor artsen een moeilijke situatie wanneer een pasgeboren kind niet levensvatbaar blijkt: er mag geen actieve euthanasie worden gepleegd en dus moeten worden afgewacht tot het kind op natuurlijke wijze sterft. Voor veel artsen en ouders is dat een ondraaglijke situatie. Andere uitbreidingen van de euthanasiewetgeving zijn overigens ook in Nederland niet aan de orde, liet staatssecretaris Ross van Volksgezondheid afgelopen jaar in een Kamerdebat weten.
TerughoudendToch protesteert in Duitsland vrijwel niemand tegen het schrikbeeld dat van Nederland wordt geschilderd. Ook voorstanders van liberalere wetgeving zien Nederland bijna nooit als voorbeeld. Al bij de invoering van de Nederlandse euthanasiewetgeving waren er in Duitsland maar weinig positieve geluiden te vernemen. De Nederlandse wetgeving zou misbruik niet kunnen voorkomen en tot een verharding van het maatschappelijke klimaat voeren, zo was ook toen al de tendens.
Duitse voorstanders van actieve euthanasie wijzen er liever op dat 74 procent van de bevolking zich in een recente enquête van onderzoeksbureau Forsa voor actieve euthanasie uitsprak. Daar staat tegenover dat nog maar één op de drie ondervraagden ook dan voor is, wanneer hij vooraf op alternatieven als pijntherapie, palliatieve zorg en begeleid sterven is gewezen, stelt de Deutsche Hospiz Stiftung. Deze richting wordt in de meeste debatten dan ook gekozen: men praat liever over betere zorg dan over euthanasie.
De volkspartijen CDU/CSU en SPD laten het thema euthanasie duidelijk liever ongemoeid, Die Grünen zijn uitgesproken tegenstanders. Alleen de FDP lijkt over het thema te willen spreken, maar ook binnen deze partij stelt men zich terughoudend op. Waarschijnlijk zal er daarom de komende tijd niet op het gebied van euthanasiewetgeving in Duitsland weinigveranderen.