De lome Krimi-cult van Polizeiruf 110
<<< Zap >>>
16-mei-2006
van Annemieke Hendriks
Op een lome middag in maart jagen politiewagens langs het beroemde Bauhaus in Dessau. Alleen een fijnproever ziet dat die auto’s een fractie anders zijn beschilderd dan de gewone Duitse dienstwagens. Hier wordt een aflevering van Polizeiruf 110 opgenomen.
In de Duitse deelstaat Saksen-Anhalt wordt het speurdersteam gevormd door de oudere hoofdcommissarissen Schmücke en Schneider, twee botsende karakters die niettemin grote vrienden zijn. De Krimi-serie Polizeiruf 110 bestaat uit volwaardige speelfilms van grote kwaliteit, die de sfeer in hun regio optimaal benutten en alle door de overkoepelende omroep ARD worden uitgezonden.
De regionale zender MDR maakt zijn Polizeiruf-afleveringen in de omgeving van Halle-Dessau, terwijl de BR de zijne in Beieren opneemt met het Münchener Kripoteam, dat wordt geleid door de sexy hoofdcommissaris Obermaier (met Turkse echtgenoot) en haar perfectionistische collega Tauber (met één arm).
Tot de highlights behoren ook de RBB-afleveringen, waarin de Berlijnse commissaris Wanda Rosenbaum moet samenwerken met de sloom-sluwe dorpsagent Horst Krause, die per motor door de Brandenburgse periferie tuft, zijn hondje in de zijspan. Al deze topdienders worden door topacteurs vertolkt; de dikke acteur Horst Krause is zelfs zo’n fenomeen dat de agent die hij vertolkt gewoon zijn eigen naam draagt.
TijdsbeeldenWie Duitsland en de Duitser van nu in al zijn variaties wil leren kennen, beleeft met Polizeiruf fijne uren. De serie biedt geen simpele goed-kwaad-schema’s met cliché-slachtoffers en -daders, maar toont veelgelaagde tijdsbeelden tegen sfeervolle decors.
In de aflevering van afgelopen 30 april, 'Matrosenbraut', kwam het Noord-Duitse NDR-team onder leiding van de jonge, rijzende ster Uwe Steimle als hoofdcommissaris Jens Hinrichs in actie. Nou ja, actie... In Mecklenburgs residentie Schwerin gebeurt zo weinig, dat Hinrichs zijn energie uitleeft op zijn bureauplanten en de goudvis. In de nabijgelegen hanzestad Wismar wordt een meisje vermist. Het zou hem wat.
Het kort daarop gevonden ‘lijk’ in de vissersnetten blijkt slechts een opblaaspop. Maar dan blijkt die opgedregde plastic Matrosenbraut raadselachtige overeenkomsten te vertonen met het vermiste meisje. Hinrichs koopt vier opblaaspoppen en gaat aan de slag.
Vijfendertig jaar
Polizeiruf 110 heeft lang kunnen rijpen. De serie wordt namelijk al vijfendertig jaar uitgezonden. Eigenlijk is het een wonder dat die nog bestaat. Want de eerste aflevering werd in 1971 uitgezonden... in de DDR. De socialistische Duitse staat wilde allen die bij de Klassenfeind stiekem naar Tatort keken, naar de eigen zender lokken.
Wat te doen? In de DDR heette serieuze misdaad non-existent. Tenzij die van buiten werd uitgelokt door imperialistische spionnen en hun handlangers. Moord kwam in de statistieken niet voor. Maar juist deze beperking gaf de betere scenarioschrijvers volop gelegenheid de kleine en grote dwalingen van hun medeburgers in verfijnde psychologische portretten voor het voetlicht te brengen.
Daarbij wisten de auteurs tussen de regels door wel eens wat systeemkritiek te parkeren, alleen al door de afbrokkelende achterkant van de heilstaat in beeld te brengen. Als bron voor de misdaad schetsten zij carrièrezucht, machtsmisbruik, luiheid en een door de socialistische Mangelwirtschaft uitgelokt opportunistisme.
Zo werden deze scenaristen, gedwongen door de censuur, en mét hen de acteurs die deze genuanceerde karakters graag verbeeldden, meesters van de subtiele anduiding en het understatement. De westerse Krimis verbleekten erbij, met hun ouderwetse, sensationeel verbeelde steek- en schietpartijen door stereotiepe boeven.
BuitenstaandersHoe deze ‘reëel existerende schaduwzijden van het socialisme’ op de beeldbuis hun beslag kregen? Als verdachten werden in Polizeiruf buitenstaanders neergezet, die zich aan ‘het collectief’ onttrokken: alcoholici, kunstenaars, seks-geobsedeerden en potentiële Muur-passanten. Kortom, heerlijk zondige karakters die aan het eind van de aflevering weliswaar steevast berouw toonden, maar die de betere verstaander toch een uitweg uit het socialistische rolmodel hadden getoond.
En passant wisten de auteurs, samen met de Polizeiruf-regisseurs, de worstelingen met niet-werkende wasmachines en vele andere, zo herkenbare rampjes van de socialistische Alltag aanschouwelijk voor het voetlicht te brengen. De legendarische Oberleutnant Fuchs mocht weliswaar geen meelij met de daders krijgen, de kijkers werden daartoe wel uitgedaagd.
Niet alleen die in de DDR: Polizieruf 110 werd een Exportschlager in het gehele socialistische kamp, en daarbuiten van Spanje tot in de Arabische staten. In het Duitsland van nu zijn de oude afleveringen inmiddels tot cult verheven en worden ze steeds herhaald.
Wende
Begin 1990 speelt Polizeiruf 110 onmiddellijk in op de Wende. Commissaris Fuchs verliest voor het eerst zijn gezag: hij wordt onder hoongelach uit een café gegooid. In deze bewogen tijd ontstaat ook de legendarische uitzending waarin de West-Duitse Tatort-commissaris Schimanski samen met zijn Oost-Duitse collega Fuchs een grensoverschrijdend geval van kunstsmokkel oplost.
Ondanks deze Duits-Duitse dynamiek leek mét de DDR Polizeiruf het loodje te leggen: de televisie van de DDR verdween van het scherm. Maar nog geen twee jaar later erkende de vergrote Bondsrepubliek dat het psycho-sociale concept voor een misdaadserie, zoals die in de DDR tegen heug en meug werd ontwikkeld, zijn tijd ver vooruit is geweest.
Polizeiruf 110 kreeg een tweede leven: misschien met iets meer moorden dan voorheen, maar verder even ludiek, levendig en lekker loom van tempo als in de DDR-jaren.
In deze rubriek stelt Annemieke Hendriks, journaliste in Berlijn, maandelijks een opmerkelijk Duits tv-programma voor.
Polizeiruf 110 is met regelmaat te zien op de zondagavond van de ARD. Oude afleveringen, ook die uit de DDR, worden met name op de regionale zenders herhaald, waarvan er overal in Nederland wel één te ontvangen is.
Een historisch overzicht van de serie vanaf 1971 staat op de Krimihomepage.