'Polakken die men maar beter kan mijden'
Christoph Heins nieuwe roman 'Landnahme'
24-mrt-2004
De roman omspant een periode van vijftig jaar, hij begint in 1950 en eindigt na de eenwording. Hein beschrijft echter niet de geschiedenis van de DDR; centraal staat Bernhard Haber. De lezer leert hem evenwel op indirecte wijze kennen, want zijn leven wordt niet door hemzelf maar door anderen verteld. Bij deze vertellers gaat het om drie mannen en twee vrouwen, die in hun jeugd of later iets met deze Haber te maken hebben gehad - ze zaten bij hem op school, werkten met hem samen of hadden een liefdesrelatie met hem. Haber wordt dus steeds vanuit een ander perspectief belicht, waarbij de vertellers ook iets over hun eigen levenslot onthullen. Dat maakt deze roman bijzonder.
Guldenberg
Een ander opmerkelijk aspect is dat iedereen in het Saksische provinciestadje Guldenberg, waar de roman zich afspeelt, de politiek buiten de deur wil houden. Niet opvallen, mond houden en geen ergernis wekken, zo luidt het devies. In het stadje zijn ogenschijnlijk geen communisten, maar toch kan niemand aan het regime ontkomen. De bewoners willen echter niet alleen niets weten van het communisme; ze hebben ook iets tegen mensen van elders. Achter de kleinburgerlijke façades broeit vreemdelingenhaat, iets wat in de DDR eigenlijk niet bestond.
' Landnahme' is op het eerste gezicht een wat vreemde titel. Het betekent letterlijke het in bezit nemen van land. Maar al lezende wordt duidelijk dat deze titel goed is gekozen. Deze roman gaat over het verlies van land, over het verlies van Heimat en het weer wortel schieten elders, in een andere landstreek, waar vreemdelingen ongewenst zijn, omdat zij zich vestigen op een stukje aarde dat door anderen weer als hun onvervreemdbare Heimat wordt beschouwd.
Anders gezegd: 'Landnahme' is een roman over het lot van Vertriebenen. Bernhard Haber en zijn ouders werden na de oorlog verdreven uit Breslau, nu het Poolse Wroclaw. Maar in Guldenberg zijn Vertriebene niet welkom. En ofschoon de uit Breslau verdreven mensen even Duits zijn als die in Guldenberg, worden ze uitgemaakt voor 'Polakken' die men maar beter kan mijden. Deze vreemdelingenhaat heeft ernstige gevolgen. De eerste bescheiden werkplaats van Bernhard Habers vader, een invalide meubelmaker, wordt in brand gestoken. De hond van Bernhard wordt gedood. Vader Haber geeft niet op en opent een nieuwe werkplaats. Totdat hij opnieuw door een mysterieus ongeluk wordt getroffen. Daarna hangt hij zichzelf op. Zijn zoon gelooft echter niet aan zelfmoord.
Vele jaren later krijgt hij gelijk. Zijn vader werd vermoord, mede door toedoen van enkele 'brave' burgers. Bernhard Haber is dan al een succesvolle kleine ondernemer in Guldenberg die niets meer tegen de moordenaars wil ondernemen. Hij ziet de dood van zijn vader als een soort zoenoffer. Tegen zijn buurman zegt hij: "Misschien moest eerst het bloed van mijn vader, mijn onschuldige vader, vergoten worden, opdat ik me hier thuis zou gaan voelen en worden geaccepteerd."
'Landnahme' is daarnaast ook de roman over het in bezit nemen van het land door de communistische partij. Want alles wat in het verre Berlijn gebeurt of wordt besloten, bereikt uiteindelijk ook Guldenberg. Of het nu gaat om het onderdrukken van de opstand van Oost-Duitse arbeiders in 1953 of het collectiviseren van de landbouw. Dat laatste speelt zelfs een grote rol, want in en bij het provinciestadje wonen ook zelfstandige boeren. Deze boeren, die zich tegen de collectivisatie verzetten, werden net zo lang geterroriseerd en geïntimideerd, totdat zij hun zelfstandigheid opgaven en lid werden van een Landwirtschaftliche Produktionsgenossenschaft (LPG). Aan deze acties van de partij neemt, tot grote verontwaardiging van zijn vriendin, ook Haber deel. Later wordt duidelijk dat dat zijn wraak was voor de ondergane vernederingen als Vertriebene.
Ook de bouw van de Muur heeft gevolgen. Haber was (voor veel geld) DDR-burgers gaan helpen bij hun vlucht naar het Westen, maar na 1961 werd dat een riskante onderneming. Een vriend, één van de vertellers, wordt gearresteerd en tot vijf en half jaar gevangenis veroordeeld. Haber geeft op, wordt net als zijn vader meubelmaker, en vergaart vermogen en aanzien. Hij neemt uiteindelijk als het ware bezit van Guldenberg. Enkele vriendinnen hadden het eerder al geconstateerd: Haber ruikt naar kracht en vastberadenheid.
Hein is een goede verteller, heeft humor en weet steeds de juiste toon te treffen. Zijn personages zijn met al hun boosheid, sluwheid en naïviteit levensecht. En hun dromen, verlangens en zwakheden onderscheiden zich niet van die van mensen in het Westen. Maar de roman heeft ook iets verwarrends. Want hoe was de DDR nu werkelijk? Was het land zoals Thomas Brussig het heeft beschreven, of toch meer zoals Jana Hensel in haar 'Zonenkinder', of moeten we André Kubiczek in ' Junge Talente' geloven, of Michael G. Fritz in 'Rosa oder die Liebe zu den Fischen', of Jana Simon in ' Denn wir sind anders'? De waarheid lijkt te zijn dat de DDR niet alleen een officiële geschiedenis heeft, maar dat ze ook de som is van alle persoonlijke ervaringen en belevenissen. Deze vormen de stof waarvan schrijvers als Hein literatuur maken. Guldenberg bestaat niet. Hein heeft een eigen kleine wereld geschapen die echter niet los van de werkelijkheid kan worden gezien.
Jan Luijten is journalist en heeft in het verleden geschreven voorDeVolkskrant.
- Christopher Hein: Landnahme
Suhrkamp; 356 pagina's; euro 19,90
ISBN 3 518 41601 4