De waarheid in plaats van morele oordelen
Op zoek naar het verleden van grootouders
8-jul-2003
Drie generaties worden onderscheiden: de generatie wier jeugd samenviel met het Derde Rijk, de generatie van '68 die eind jaren zestig in opstand kwam tegen de gevestigde orde en het zwijgen van hun ouders over het nazi-verleden, en ten slotte de jongere generatie die zich in de jaren negentig keerde tegen het 'doemdenken' en het politieke activisme van hun vaders en moeders, en die vooral van het leven wilde genieten. Het nazi-verleden was voor veel van deze jongeren iets geworden uit de geschiedenislessen op school.
De Berlijnse journalist Florian Illies, geboren in 1971, heeft deze jongeren enkele jaren geleden beschreven in zijn veelgelezen boek Generation Golf, waarin hij vooral herinneringen ophaalt aan de saaie jaren tachtig en de steeds vrolijker wordende jaren negentig, toen zijn generatiegenoten hun eerste VW Golf kochten.
De Duitse journalist Christoph Amend, geboren in 1974, heeft hierop een soort vervolg geschreven: Morgen tanzt die ganze Welt - Die Jungen, die Alten, der Krieg. Hij vond dat om twee redenen noodzakelijk. Ten eerste is het zorgeloze leventje uit de 'gouden' jaren negentig als gevolg van de economische malaise voorbij. En ten tweede mogen herinneringen niet beperkt blijven tot het naoorlogse Duitsland. Want dit werd opgebouwd door de generatie die Hitler en de oorlog meemaakte. "Hun ervaringen weerspiegelen zich in onze ouders, in dit Duitsland waarin we zijn opgegroeid, ze weerspiegelen zich direct in mijn leven", schrijft Amend.
Het zwijgen doorbrekenWie dus als Duitser werkelijk iets wil weten over zijn land, moet met zijn grootvader gaan praten of zich verdiepen in het leven van zijn overleden opa. "Wij, de kleinkinderen, moeten ervaren wat ons uit deze tijd onbewust werd overgeleverd. Alleen zo kunnen we begrijpen wie we zijn." Maar dat praten over het nazi-verleden binnen de eigen familiekring is echter niet of veel te weinig gebeurd, constateert Amend. De feiten zijn inmiddels bekend, maar deze kennis over het Derde Rijk dringt niet door tot het privé-leven. "Wij willen niet weten of er daders of meelopers in ons midden, misschien zelf in onze eigen familie, zijn."
De journalist reisde een jaar lang door Duitsland om bekende Duitse 'grootvaders', onder wie voormalig bondspresident Richard von Weizsäcker, de Hitler- en Speer-biograaf Joachim Fest en de psychoanalyticus Horst-Eberhard Richter, te vragen naar hun oorlogservaringen en naar de invloed van die ervaringen op hun verdere leven. Wat hij te horen kreeg is niet erg verrassend, want over deze vooraanstaande Duitsers was al veel bekend. Want zijn boek echter lezenswaardig maakt, is zijn persoonlijke manier van interviewen en het feit dat naast de 'grootvaders' ook steeds weer 'kleinkinderen' aan het woord komen en Amend ook op zoek gaat naar het verleden van zijn eigen, zwijgzame opa.
Opmerkelijk is dat ongeveer tegelijkertijd in Duitsland twee familieromans zijn verschenen die gaan over het zwijgen van grootvaders. In de roman Himmelskörper van Tanja Dückers, geboren in 1968, gaat een tweeling op zoek naar het verleden van opa en oma die in 1945 moesten vluchten uit West-Pruisen. Broer en vooral zus ontdekken dat zij overtuigde nazi's waren geweest; een feit dat het oude echtpaar angstvallig geheim had gehouden, maar uiteindelijk toch niet kon verbergen.
Hoogst interessant is het boek van Stephan Wackwitz Ein unsichtbares Land, ook een familieroman, maar dan wel een over zijn eigen familie. Ook hier gaat het om een zwijgzame grootvader. Toen deze nog leefde, konden opa en kleinzoon niet met elkaar opschieten en werden er weinig woorden gewisseld. Vele jaren na zijn dood begon Wackwitz de memoires van zijn grootvader te lezen en werd het leven van deze reactionaire man zichtbaar. Andreas Wackwitz vocht in de Eerste Wereldoorlog, keerde in 1918 teleurgesteld terug naar Duitsland, deed enkele jaren later mee aan de rechtse Kapp-putsch tegen de jonge Republiek van Weimar en was tussen 1921 en 1933 dominee in een dorp vlakbij Auschwitz. In 1933 vetrok hij naar Zuidwest-Afrika, tot 1918 een Duitse kolonie. Bij het uitbreken van de oorlog keerde hij terug naar Duitsland, en werd superintendent in Luckenwalde, waar hij de ogen sloot voor de misdaden van de nazi's. En als er iets over deze misdaden tot hem doordrong, zweeg hij.
Stephan Wackwitz, hoofd van het Goethe-Instituut in Krakau, behoort tot de generatie van '68, en in het boek brengt hij ook steeds zijn eigen verleden ter sprake. De radicaliteit die deze generatie tussen 1967 en 1977 aan de dag legde, brengt hij in verband met het nazi-verleden. Studenten vormden communistische groepen, Stephan Wackwitz werd lid van de marxistische studentenbond Spartakus. Zij wilden met terugwerkende kracht het Derde Rijk bestrijden, wilden het fascistische karakter van de Bondsrepubliek blootleggen, schrijft Wackwitz. "Ik streed in mijn tijd tegen Goebbels, de SA en mijn grootvader." Hij deed dat tot 1977, tot die gewelddadige 'Duitse herfst'. Toen vond hij de weg "terug naar de werkelijkheid".
Wackwitz heeft een boek geschreven dat rijk is aan historie en aan allerlei filosofische gedachten en persoonlijke gevoelens. Het verschilt totaal van het boek van Amend. Maar beide auteurs hebben gemeen dat zij bij hun zoektocht naar het verleden hun eigen generatie niet uit het oog verliezen. Ze willen niet alleen hun 'grootvaders', maar ook hun eigen generatie doorgronden. Hier rekent niet de jongere Duitse generatie af met de oudere, hier worden geen morele oordelen geveld, maar wordt gezocht naar waarheid, van grootvaders en van kleinkinderen.
Jan Luijten is journalist en heeft in het verleden geschreven voor de Volkskrant .
- Christoph Amend: Morgen tanzt die ganze Welt - Die Jungen, die Alten, der Krieg
Karl Blessing; 223 pagina's; euro 20; ISBN 3 89667 199 5
- Tanja Dückers: Himmelskörper
Aufbau; 319 pagina's; euro 16,90; ISBN 3 351 02963 2
- Stephan Wackwitz: Ein unsichtbares Land
S. Fischer; 285 pagina's; euro 19,90; ISBN 3 10 091055 9