Van christelijke vredesactiviste tot terroriste
Biografie Ulrike Meinhof
15-mei-2003
Meinhof was journaliste en lid van de terroristische beweging Rote Armee Fraktion. Toen zij overleed - volgens de officiële rapporten pleegde zij zelfmoord - zat zij vast in een isoleercel in Stuttgart-Stammheim. Op haar begrafenis waren vijfduizend mensen aanwezig, waaronder de voormalige 'linkse advocaat' en huidige Duitse minister van Binnenlandse zaken, Otto Schily. De Bondsrepubliek in de jaren zeventig, dat moet een permanente staat van beleg geweest zijn. Een tijd waarin pruiken en valse haarkleuren niet voor de sier gebruikt werden, waarin je in de handtas van elke willekeurige gesoigneerde dame een schietklaar pistool moest verwachten en waarin je vanwege de hogere verzekeringspremies beter geen BMW kon rijden. BMW stond voor Baader-Meinhof-Wagen. Het was een tijd van uiterste politieke confrontatie waarin de staat, toen geregeerd door de SPD, zijn politiek gezag met strenge wetten en een bikkelhard beleid handhaafde.
Het moet de persoonlijke betrokkenheid zijn geweest waarmee Ulrike Meinhof ten strijde trok, die Alois Prins bij het schrijven van zijn biografie over Ulrike Meinhof inspireerde. 'Lieber wütend als traurig. Die Lebensgeschichte der Ulrike Marie Meinhof', dit voorjaar verschenen, bevat geen sensationeel nieuwe kijk op haar leven en is toch van bijzondere waarde. Prins begeeft zich op glad ijs, want het onderwerp wekt oude en tegenstrijdige emoties op die gevoed worden door de mythes over de RAF en haar oprichters. Een onbevooroordeelde kijk lijkt dan nauwelijks nog mogelijk, maar precies daar slaagt Alois Prins in. Hij koppelt het individuele verhaal van Meinhof aan de politieke ontwikkeling van de Bondsrepubliek Duitsland en omzeilt zo het gevaar partijdig te zijn. Prins schetst de sociale en politieke achtergronden die nodig zijn om Ulrike Meinhofs politiek engagement te begrijpen. Hij houdt geen pleidooi voor haar en toch blijft zijn kijk politiek georiënteerd. Hij heeft niet de pretentie iets recht te willen zetten. Bovendien schrijft hij helder en in eenvoudige bewoordingen, wat het boek ook uitermate geschikt maakt voor de jonge lezer.
Ulrike Meinhof werd in 1934 in Oldenburg geboren. Nadat haar ouders overleden waren, werden zij en haar oudere zus door een studievriendin van haar moeder, de historica Renate Riemeck, geadopteerd. Meinhof werd christelijk opgevoed, ging naar een katholieke school voor meisjes en wilde lerares worden. Door haar politiek engagement in de vredesbeweging leerde zij Klaus Rainer Röhl, uitgever van het linkse studententijdschrift Konkret, kennen. Zij begon als journaliste te werken, trouwde met Röhl en kreeg een tweeling, Bettina en Regine. Meinhof leidde een burgerlijk bestaan en was het middelpunt van de links-liberale Hamburger Szene. In 1967 ging zij door een persoonlijke crisis toen haar huwelijk stukliep. Zij trok met haar dochters naar Berlijn en zocht contact met de studentenbeweging. In deze tijd ontstonden de plannen om als 'stadsguerrilla', als bewapende organisatie, meer politieke invloed uit te oefenen. Na de warenhuisbrand in Frankfurt am Main in 1968 leerde Meinhof Gudrun Ensslin en Andreas Baader kennen - zij wilde hen interviewen voor Konkret.
Toen Baader in 1970 gearresteerd werd, hielp zij bij zijn bevrijding en belandde in het opsporingsregister van de politie. Daarna behoorde Meinhof definitief bij de terroristische groepering die even later onder de naam RAF opereerde. In 1972, na een reeks aanslagen en bankovervallen, werd zij gearresteerd. Vanaf april 1974 verbleef zij in Stuttgart-Stammheim in een speciaal verbouwd gevangeniscomplex, waar ook Gudrun Ensslin, Andreas Baader en Jan-Carl Raspe inzaten. Nog in de gevangenis gold Meinhof als de spreekbuis van de RAF. Op 9 mei 1976 werd zij opgehangen in haar cel gevonden - zij zou er een verscheurde handdoek voor hebben gebruikt.
Achteraf, zo stelt Alois Prins, is het altijd makkelijk een samenhangende lijn in een levensloop te zien. "Alles lijkt op het latere te verwijzen." Het leuke aan de biografie van Prins is de kleine twijfel die hij daaraan toevoegt: "Maar niets is onontkoombaar." Dat geldt voor de keuzes die wij gedurende ons leven nemen, net als voor de blik waarmee wij het leven van een ander interpreteren.
Yvonne Delhey is germaniste
- Alois Prinz, 'Lieber wütend als traurig. Die Lebensgeschichte der Ulrike Marie Meinhof' Weinheim, Berlin, Basel 2003. ISBN 3-407-80905-0.
aanbevolen:
- Ulrike Marie Meinhof: 'Die Würde des Menschen ist antastbar. Aufsätze und Polemiken. Mit einem Nachwort von Klaus Wagenbach', Berlin 1980. (De bundel bevat de columns die Meinhof schreef voor Konkret in de jaren 1959-1969.)
Recensies:
Perlentaucher